Het AfricaMuseum: misvattingen en taboes

Hoe staat het AfricaMuseum vandaag tegenover kolonisatie?

Het principe van een koloniaal bestuur is absoluut immoreel. Wij distantiëren ons hier dan ook van.

 

Hoe neemt het museum vrede met zijn koloniale verleden?

Het AfricaMuseum droeg meer dan 60 jaar lang een koloniale boodschap uit. Daar zijn we duidelijk en eerlijk over.

Vandaag wil het museum informeren en sensibiliseren. We plaatsen feiten in de kijker en blikken terug op het verleden om een zo volledig mogelijk beeld te schetsen. Daarnaast willen we ruimte bieden voor overleg.

We kaarten het thema op een nuchtere manier aan, maatschappij- en toekomstgericht.

 

Hoe staat het museum tegenover de teruggave van Afrikaans cultureel erfgoed?

De aanwezigheid van Afrikaanse collecties in Tervuren doet onvermijdelijk vragen rijzen over de teruggave van de objecten aan hun land van oorsprong.

Wij nemen dan ook met een open en internationale ingesteldheid deel aan de huidige debatten en gaan discussies over de toekomst van het Afrikaanse culturele erfgoed in Europa niet uit de weg.

Tussen 1976 en 1982 droeg de Belgische staat als rechtmatige eigenaar van de collecties 114 etnografische objecten van het toenmalige Koninklijk Museum voor Midden-Afrika over aan het Institut des musées nationaux du Zaïre in Kinshasa. Daarnaast werden zo’n 600 objecten overgedragen aan het Nationale Museum van Rwanda in Butare.

Er worden zo veel mogelijk stukken in onze collecties en archieven gedigitaliseerd met het oog op hun toegankelijkheid online. We blijven ook inspanningen leveren om het culturele erfgoed te beschermen dat zich nog in de DRC bevindt. We doen dit via opleidingen, rondreizende tentoonstellingen en het versterken van de capaciteiten van het land. In 2010 droeg het AfricaMuseum bijvoorbeeld de koloniale films over Congo, Rwanda en Burundi in digitale vorm aan deze landen over.

> Ontdek onze onlinecollecties

 

Wat is de missie van het museum vandaag?

Missie van het KMMA

Het KMMA is een wereldcentrum voor onderzoek en de verspreiding van kennis inzake het verleden en heden van samenlevingen en natuurlijk milieus in Afrika met de nadruk op Midden-Afrika, om zo een beter begrip en meer interesse daaromtrent te creëren bij het grote publiek en de wetenschappelijke wereld en om door middel van samenwerkingsverbanden wezenlijk bij te dragen tot de duurzame ontwikkeling ervan. De kernopdrachten van deze op Afrika gerichte instelling bestaan dus in het verwerven en het beheren van collecties, het verrichten van wetenschappelijk onderzoek en de valorisatie van de resultaten hiervan, het verspreiden van kennis en het presenteren aan het grote publiek van een keuze uit haar collecties.

Missie van het AfricaMuseum

Het museum is een kenniscentrum over Afrika in een historische en hedendaagse globale context, met een focus op Midden-Afrika. Het toont unieke collecties. Het museum is een plaats van geheugen van een gedeeld koloniaal verleden en het positioneert zich als een dynamisch platform voor ontmoeting en dialoog met mensen van verschillende generaties en culturen.

 

Waarom heeft het museum zo veel objecten in zijn bezit?

Het museum verzamelt al erg lang objecten en specimens. Sinds de oprichting in 1898 werd aan militairen, ambtenaren, missionarissen, handelaars en wetenschappers gevraagd om tijdens hun reizen naar Congo objecten, dieren enzomeer te verzamelen.

> De herkomst van de collecties in de kijker

 

Hoe werd de bouw van het museum gefinancierd?

Leopold II betaalde de bouw van het museum uit eigen zak. Hij bouwde zijn fortuin op door het kapitalistische beheer van de Onafhankelijke Congostaat. Zijn bewind werd gekenmerkt door geweld, onderdrukking en uitbuiting. De inrichting van het museum werd gefinancierd door het ministerie van Koloniën.

De renovatie van het museum (2013-2018) werd dan weer gefinancierd door de Belgische overheid en door privésponsors.

> Ontdek de geschiedenis van het museum

> De renovatie: waarom, wanneer en hoe?

> Maak kennis met onze partners

 

Waarom is het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika 'koninklijk'?

De titel 'koninklijk' wordt door de monarchie uitgereikt aan Belgische verenigingen die vijftig jaar bestaan en aan bepaalde criteria voldoen, zoals een degelijk beheer, een niet-winstgericht doel en levendigheid.

Het AfricaMuseum werkt onafhankelijk van de monarchie. Zoals alle Federale Wetenschappelijke Instellingen valt het museum onder de bevoegdheid van de staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid.

 

Bezit het museum opgezette Afrikanen?

Het museum heeft nooit opgezette mensen in zijn collecties gehad.

Wel bewaart het museum twee mummies, die via het ministerie van Koloniën in het bezit van het museum kwamen. Het gaat om twee mannen van wie het lichaam op natuurlijke wijze gemummificeerd werd. Naar alle waarschijnlijkheid kwamen die in de jaren 1930 in het museum terecht. In de jaren 2000 werden ze voor het eerst aan grondige onderzoeken onderworpen, zoals een pollenanalyse, een radiokoolstofdatering, een antropobiologische analyse, radiografieën en DNA-tests. Ondanks de vele analyses kon niet precies achterhaald worden hoe oud de lichamen zijn. Wel werd duidelijk dat het om herders uit de regio Kivu gaat. Ze zouden tussen de 17e en 19e eeuw overleden zijn in een grot.

Het museum bewaart ook menselijke resten in zijn etnografische collecties. Het gaat om muziekinstrumenten van het type ‘sanza’, waarvan de klankkast bestaat uit een schedeldak en een hoorn uit ivoor waarop een stuk kaakbeen is bevestigd.

Het museum heeft in het verleden verscheidene schedels bewaard. Onder meer de schedel van het lokale dorpshoofd Lusinga, die door de mannen van Emile Storms werd gedood in 1884. Ook een vijftigtal dorpelingen kwam toen om het leven. Storms liet Lusinga onthoofden en bracht diens schedel mee naar België. Tijdens zijn expeditie liet hij overigens nog andere overwonnen leiders onthoofden. Storms bewaarde de schedels tot aan zijn dood in 1918 bij zich thuis. In de jaren 30 schonk zijn weduwe de schedels aan het museum, samen met een tiental andere objecten, brieven enzomeer. In 1964 werden de schedels en andere menselijke resten die in Tervuren werden bewaard, overgebracht naar het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen, waar ze vandaag nog bewaard worden.

Meer informatie hierover:

  • Lacaille A, Gomez IG. Les états du corps: conservation préventive des restes humains au sein des collections ethnographiques du Musée Royal de l’Afrique centrale. La Vie des Musées. 2011; 23 (Les restes humains): 29-42.
  • Roberts AF. A Dance of Assassins. Performing Early Colonial Hegemony in the Congo. Bloomington & Indianapolis: Indiana University Press; 2013.
  • Couttenier M. Congo tentoongesteld. Een geschiedenis van de Belgische antropologie en het museum van Tervuren (1882-1925). Leuven: Koninklijk Museum voor Midden-Afrika/ Acco; 2005. 
  • Couttenier M. Fysieke antropologie in België en Congo 1883-1964. In: Sliggers B, Allegaert P, editors. De exotische mens Andere culturen als amusement. Tielt: Lannoo; 2009. p. 96-113. 
  • Couttenier M. “Et on ne peut s’empêcher de rire”: la physio-anthropologie en Belgique et au Congo (1882-1914). In: Bancel N, David T, Thomas D, editors. L’invention de la race Des représentations scientifiques aux exhibitions populaires. Paris: La Découverte; 2014. p. 117-132. (Recherches). 
  • Couttenier M. “We can’t help laughing”. Physical anthropology in Belgium and Congo (1882-1914). In: Bancel N, David T, Thomas D, editors. The Invention of Race: Scientific and Popular Representations of Race. London: Routledge; 2014. p. 100-116. (Routledge Studies in Cultural History).
  • Volper, J. 2012. “À propos de sculptures & de crânes : les collectes d’Émile Storms”. Tribal Art XVII-1, N°66: 86-95.

 

Hoe staat het museum tegenover het bewind van Leopold II in Congo?

Onder het bewind van Leopold II was de Onafhankelijke Congostaat een kapitalistisch wingewest tegen een zeer hoge menselijke kost. Ongeacht de materiële realisaties in Congo kunnen we dat geweld en de uitbuiting niet minimaliseren. Die houding nemen we aan op basis van intussen voldoende duidelijk wetenschappelijk historisch onderzoek. We nemen moreel afstand van het beleid dat Leopold II voerde als heerser van Congo Vrijstaat.


Hoewel Leopold II zijn stempel nadrukkelijk achterliet in het museum en zodoende zijn rol in het gedeeld koloniaal verleden meer dan zichtbaar maakte, wil het gerenoveerde museum een dynamisch platform zijn voor ontmoeting en dialoog met mensen van verschillende generaties en culturen.

 

Wat is het “Charte de l’impérialisme”?

Op bepaalde sociale netwerken circuleert al een hele tijd een “Charte de l’impérialisme”, ook “Handvest van slavernij” genoemd. Volgens sommige auteurs en internetgebruikers zou het AfricaMuseum beschikken over dat “vertrouwelijke” document, dat naar verluidt tijdens de slavernij in Washington werd opgesteld, vervolgens het onderwerp van onderhandelingen was tijdens de conferentie van Berlijn in 1885, en na de Eerste en de Tweede Wereldoorlog nogmaals door de “westerse” mogendheden besproken werd. Bovendien zou het handvest volgens hen bewijzen dat die laatsten opzettelijk “hebben besloten tot de uitbuiting van de arme landen en de afslachting van hun inwoners” en dat hun leiders zo “nooit vervolgd zullen worden voor alle misdaden die ze overal ter wereld plegen”.

In veel gevallen is historische kritiek bijzonder nuttig om vast te stellen of documenten, van welke aard ook, authentiek, rechtsgeldig en relevant zijn. In dit geval blijkt dat het document heel wat vragen doet rijzen. Waarom?


In de eerste plaats is het anoniem (noch de auteurs, noch de precieze herkomst ervan zijn bekend) en niet origineel (enkel de afschriften van het “handvest” werden verspreid). In principe moet een handvest als officieel document door een of meerdere personen ondertekend worden, dat is niet het geval. Aangezien er verschillende keren tijdens belangrijke historische gebeurtenissen en op verschillende plaatsen over het document “onderhandeld” werd, zouden er van de originele versie varianten moeten bestaan in de archieven van de betrokken landen of instellingen. Dat is niet het geval en geen enkele beroepshistoricus heeft ooit melding gemaakt van het document. Het is bovendien verrassend dat een zogezegd tijdens de slavenhandel geschreven document pas in de 21e eeuw opduikt ...

Daarnaast is de inhoud van het “handvest” problematisch. Het bevat immers tal van onwaarschijnlijkheden, anachronismen en zinsconstructies die niet in protocollaire, diplomatieke taal gebruikt worden. Enkele voorbeelden: het begrip “derde wereld”, dat vaak in de tekst voorkomt, werd pas in 1952 door de Franse demograaf en economist Albert Sauvy in het leven geroepen; het concept “genocide” werd pas in 1943 voor het eerst gebruikt door de Poolse advocaat Raphael Lemkin; en de termen “economische ontwikkelingshulp”, “massavernietigingswapens” of “leaders” werden niet vóór de 2e helft van de 20e eeuw gebruikt. Bovendien lijkt de veralgemenende of zelfs simplistische visie in het document vooral onoordeelkundig te worden aangevuurd door een radicale, wraakzuchtige vijandigheid ten aanzien van “het Westen”. Het doel ervan blijft onduidelijk.

Het document, dat door sommigen schromelijk misbruikt wordt om onrust te zaaien bij weinig of slecht geïnformeerde personen, is dus nep, of fake news. Het past in de hoek van de complotliteratuur en is gebaseerd op andere fictieve documenten zoals de Protocollen van de wijzen van Sion, een berucht valselijk antisemitisch, tsaristisch document van begin 20e eeuw. Enkele jaren geleden werd nog een ander nepdocument verspreid op het internet, met als titel Discours du Roi Léopold II à l'arrivée des premières missionnaires au Congo en 1883.

Het is dan ook compleet ongeloofwaardig te denken dat het AfricaMuseum over een dergelijk document zou beschikken. Geen enkele inventaris maakt melding van een dergelijk document. De in het museum bewaarde historische archieven kunnen online of op eenvoudige aanvraag geraadpleegd worden.

> Ontdek onze archieven