Publicaties KMMA

Nieuwe publicaties

Hoe bestellen?

CoverCA89


La société congolaise face à la modernité (1700-2010)
Mélanges eurafricains offerts à Jean-Luc Vellut
Door Pamphile Mabiala Mantuba-Ngoma & Mathieu Zana Etambala (eds)

Reeks  « Cahiers africains », n° 89 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L’Harmattan & KMMA

ISBN : 978-2-343-11120-9
392 p. 

Verkoopprijs: 38,00 € 

In het Frans

 

De integratie van de Congolese maatschappij in de moderniteit, met haar continuïteit en onderbrekingen, haar uitdagingen en invloeden, is altijd het stokpaardje geweest van Jean-Luc Vellut, professor emeritus van de Université catholique de Louvain. Lange tijd doceerde hij sociale en economische geschiedenis in de universiteiten van de Democratische Republiek Congo, ontwikkelde hij heel belangrijke tools voor research en deed hij uitgebreid onderzoek rond de geschiedenis van Midden-Afrika.
De verhandelingen die in dit werk te zijner eer zijn verzameld, tonen niet alleen aan dat de prekoloniale gemeenschappen dynamisch waren maar ook dat het voor België geen sinecure was zich als koloniale machthebber in Europa te laten gelden. Daar komt nog bij dat elementen van de externe dynamiek – zoals de inheemse politiek, betaald werk, religie, onderwijs, de mogelijkheden om natuurlijke rijkdommen te exploiteren – aan de grondslag lagen van het geweld en de creatie van nieuwe sociale hiërarchieën, nieuwe identiteiten, nieuwe geloofsvormen en economische activiteiten en van de herinrichting van ruimte en habitat.
Dit werk heeft een bijzondere aantrekkingskracht vanwege het uitgebreide documentaire materiaal –zowel gesproken als geschreven – waarvan de auteurs van de essays gebruikmaakten. Zo krijgen we een andere kijk op de koloniale geschiedenis en wordt het taboe rond bepaalde thema’s doorbroken.
Dit boek kadert in het perspectief van een overkoepelende geschiedenis waarin de historiografie focust op materiële cultuur, psychohistorie van de internationale betrekkingen, de relaties tussen religie en politiek, de sociale geschiedenis van het koloniaal educatief systeem, de sociale en economische aspecten van het milieu en van het urbanisme en eveneens op de socioculturele factoren die deel uitmaken van de basisstructuur van de postkoloniale politieke geschiedenis.

De redacteurs
Pamphile MABIALA MANTUBA-NGOMA is doctor in de etnologie, gewoon hoogleraar en departementshoofd Historische wetenschappen aan de Université de Kinshasa.
Mathieu ZANA ETAMBALA is doctor in de geschiedenis, wetenschappelijk medewerker aan het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (KMMA) in Tervuren en professor aan de  Katholieke Universiteit Leuven (KU Leuven).

 


coverleletes


Kasaï. Rencontre avec le roi des Lele.
Carnets de voyage
Door Marc Pain
Inleiding door Viviane Baeke, volkenkundige, KMMA

Uitgever: Husson (Brussel) in partnerschap met het KMMA


ISBN: 978-2-916249-95-7
 

Verkoopprijs: 29,80 € 

Enkel in het Frans

 

 


CoverGoma


Précarité et bien-être à Goma (RDC)
Récits de vie dans une ville de tous les dangers
Door Theodore Trefon & Noël Kabuyaya

Reeks  « Cahiers africains », n° 88 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L’Harmattan/KMMA & GeoRisCa

ISBN : 978-2-343-10503-1
196 p. 

Verkoopprijs: 21,50 € 

In het Frans

 

Goma is een fascinerende stad met ongeveer een miljoen zielen in het spervuur van vulkaanuitbarstingen en gewapend conflict. De hoofdstad van de provincie Nord-Kivu (DRC) is voor sommigen de hel, voor anderen echter een stad met toekomstperspectieven. In contrast met de negatieve berichtgeving, wijst dit boek op de constructieve gevoelens van welzijn, veerkracht en opportuniteiten die heersen onder de bevolking. De strijd heeft hen gehard en doet hen berusten en ze wekken de indruk dat het leven noch mooi, noch lelijk is, maar eerder een onophoudelijk worstelen met de toekomst. Net als in de andere steden en dorpen van de DR Congo, licht er hoop op aan het einde van de tunnel van onzekerheid en is er een hint van orde in de wanorde.
Met twaalf levensverhalen als vertrekpunt, brengen we het authentieke en menselijke relaas van een stedelijk landschap. De onthullingen zijn nu eens hartverscheurend, dan weer verrassend, maar altijd betekenisvol. Deze kwalitatieve benadering helpt om betekenis te geven aan dit grote mysterie van een stad en aan de banden die de bevolking heeft met haar economische, sociale, ecologische, politieke en religieuze omgeving.
Dit boek nodigt de lezer uit de hartsgeheimen en de diverse realiteit te ontrafelen van gewone mensen die vastberaden hun toekomst willen uitstippelen.
 

De auteurs
Theodore Trefon onderzoekt binnen het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika de relaties staat-samenleving in de DRC
Noël Kabuyaya, docent en onderzoeker aan de Université de Kinshasa, bestudeert de stedelijke en peristedelijke ruimtes, hun omgeving en risico’s.
Met illustraties van Albert Tshisuaka.
    

 


CoverCongoartsworksNL


Congo Art Works
Populaire schilderkunst
Door Bambi Ceuppens & Sammy Baloji

Reeks  "Collecties van het KMMA"

Uitgevers: Koninklijk Museum voor Midden-Afrika & Lannoo Uitgeverij

ISBN : 978-2-87386- 990-8
192 p. 

Verkoopprijs: 19,50 € 

 

Na de onafhankelijkheid duiken de eerste populaire schilderijen op aan de muren van Congolese huiskamers. Die schilderijen worden beschreven als ‘conversation pieces’ – ‘gespreksstukken’ – want hun belang schuilt niet in het feit dat het kunstvoorwerpen zijn, maar in de boodschap die ze uitdragen. De betekenis van de afbeeldingen ligt niet altijd vast: iedereen kan er zijn eigen interpretatie aan geven. Ze zetten aan tot reflectie en discussies over de dagelijkse bekommeringen.
De Congolese populaire schilderkunst wordt vaak als een koloniale stijl bestempeld, maar in feite sluit ze aan op de lange geschiedenis van tekencultuur die vóór kolonisatie in de Democratische Republiek Congo bestond.
In 2013 verwierf het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika een belangrijke collectie van bijna 2000 doeken die verzameld werden tussen 1968 en 2012 door Bogumil Jewsiewicki en zijn Congolese collega’s in de DRC, in 15 steden: Beni, Bukama, Bunia, Butembo, Goma, Isiro, Kananga, Kikwit, Kinshasa, Kisangani, Kolwezi, Lubumbashi,Matadi, Mbandaka en Mbuji-Mayi. Deze collectie is niet alleen belangrijk door de omvang en het aantal schilderijen, maar ook door de archieven, foto’s van ateliers, levensverhalen, interviews met de kunstenaars en kronieken die erbij horen.

Deze catalogus hoort bij de eerste tentoonstelling met dezelfde naam die het KMMA organiseert rond deze collectie (BOZAR, 7 oktober 2016 - 22 januari 2017).
    

 


CoverNSWONL


Nswo
Beeldjes en cultus in het zuidwesten van de Democratische Republiek Congo                
Door Julien Volper

Reeks  "Collecties van het KMMA"

Uitgevers: Koninklijk Museum voor Midden-Afrika
Gezamenlijke uitgave met Philippe de Moerloose

ISBN : 978-9-4922-4426-0
112 p. 

Verkoopprijs: 16,50 € 

Het boek gaat over een weinig bekende cultus, de nswo, die beleden wordt door verschillende volken in het zuidwesten van de DRC, zoals de Yansi, de Hungana, de Buma, de Mfunuka, de Tsong, de Mbala, de Teke, de Dikidiki of de Yaka.
Het Koninklijk museum voor Midden-Afrika (Tervuren, België) bewaart talrijke exemplaren van sculpturen die in het kader van de nswo worden gebruikt. Ze maken een belangrijk deel uit van het corpus van het werk.
Het boek behandelt de oorsprong van de cultus, zijn verspreiding en regionale varianten, die tot uiting komen in zowel de riten als in de beeldhouwkunst.

Julien Volper is kunsthistoricus en onderzoeker in het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika, dienst Erfgoedstudies.

 


             

Coverequateur Équateur
Au cœur de la cuvette congolaise
Door Jean Omasombo Tshonda (ed.)

Volume n° 9 van de collectie 'Monographies des provinces de la République démocratique du Congo'

Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (Tervuren)
met de steun van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking (DGD)

ISBN : 978-9-4922-4423-9

496 p. 

Alleen beschikbaar in het Frans


  •  Download Pdf
  •  Indien u een gedrukte versie van dit werk wenst, kunt u Dirk de Croes contacteren voor een offerte en bestelling.
  •  Andere online collecties van "Monographies des provinces de la République démocratique du Congo"


De Evenaarsprovincie, zoals we die vandaag kennen, is niet de provincie waarvan president Mobutu afkomstig is. Het Mongo volk maakt er deel van uit en is in de meerderheid, naast de etnische minderheden op de grondgebieden van Bomongo, Mankanza, Lukolela en andere Ngombe enclaves van de Bolomba en Basankusu territoria. Vergeten we ook niet de Ekonda en de Ntomba, die zelf Mongo zijn maar wiens relaties met de Nkundo-Mongo doordrongen blijven van wantrouwen en zelfs misprijzen en van wederzijdse vooroordelen.
De socioculturele ruimte van de Mongo in de Evenaarsprovincie is zeer ruim, als we hierbij ook Tshuapa betrekken, dat dienstdoet als hinterland, het gebied van de ‘Mongo diversiteit’. Op het terrein zijn de Mongo groepen weliswaar talrijk aanwezig maar het ‘grote Mongo volk’ is echter eenvoudigweg een product van de koloniale antropologie. De katholieke Missionarissen van het Heilig Hart, geïnstalleerd in Mbandaka/Bamania, lieten het Lonkundo opleggen als enige spreektaal van het eenvormig gemaakte Lomongo. Op deze manier hoopten zij stokken in de wielen te steken van de congregatie van de scheutisten. Deze laatsten, gevestigd bij de Ngombe in Lisala, hadden alles in het werk gesteld om het Lingala te promoten. Ondanks alle inspanningen was het toch het Lingala dat de overhand kreeg.
Deze mislukking op cultureel vlak vond haar tegenhanger in de politieke wedijver op het moment van de dekolonisatie. Zonder aanvankelijk hierover een specifieke stelling in te nemen, wierpen de Mongo zich op het politieke strijdtoneel, bij wijze van vergelding voor het Ngombe voorgeslacht. Bijgevolg is de partij Union Mongo (UNIMO) niet voortgesproten uit het dynamisme van de Mongo elite, zelfs al gaat Justin Bomboko ten onrechte de geschiedenis in als haar stichter en president. Hijzelf verklaart daarenboven een ‘Somi ya Mongo’ – De eerste van (de zonen van) de Mongo – binnen de partij te zijn geweest. Bij de verkiezingen van 1960 werd UNIMO voorbijgestoken door de Parti de l’Unité nationale (PUNA) van Jean Bolikango, afkomstig van Mongala. De Ngombe werden meer en meer gezien als een obstakel voor de ontplooiing van de Mongo en de scheiding van de twee groepen leidde tot de oprichting van een nieuwe administratieve etnische entiteit van de Mongo, genaamd ‘Cuvette centrale’ (het centrale Congobekken).
Tijdens de Eerste Republiek (1960-1965) stond de Mongo elite – intern verdeeld en onderling in concurrentie – echter op het voorplan wanneer het ging om de uitstraling van de provincie op nationaal niveau. President Mobutu, afkomstig uit het uiterste noorden van deze ‘Grote Evenaarsprovincie’, was door zijn geboorteplaats (Lisala) en zijn opleiding (Mbandaka) heel vertrouwd met de Mongo regio, bevolking en milieu. Hij wist goed dat de Mpama, Losakanyi et Banunu-Bobangi geen affiniteit hadden met de Nkundo (Elanga), Ekonda en Ntomba, met wie ze desondanks opgenomen waren in het Bikoro territorium maar toch verhief hij het district Lukolela tot territorium (1976). Dit was ook het geval voor het district Mankanza uit het territorium Bomongo. De politieke winst kreeg toen voorrang op welk ander motief ook. De etnische minderheden groeiden tegelijkertijd in aantal en in invloedrijke posten, die werden toegekend aan mensen uit de kringen rond Mobutu. Deze marginalisatie van de Mongo werd nog meer in de verf gezet door de oprichting, nog meer in het noorden, van de stad Gbadolite bij de Ngbandi, een stad die Mbandaka voorbijstreefde als politiek centrum van de provincie.
Hoewel Mbandaka een tijdje politiek aan zijn lot werd overgelaten, is de stad altijd een zeer belangrijk kruispunt van rivieren geweest, waar bootjes samenkwamen die heen en weer voeren op de Congostroom, van het westen naar het oosten van de DRC. De talrijke havens in Mbandaka leveren hiervan het bewijs. Het is ook naar Mbandaka dat de handelaars zich begeven vanaf de verschillende bijrivieren vanuit het hinterland. Stroomafwaarts worden vooral grondstoffen aangevoerd; stroomopwaarts ligt de klemtoon eerder op ingevoerde afgewerkte producten, om het tekort van de lokale productie te compenseren, Grootindustrie is daar immers ver te zoeken.
Voor de bevolking is het water, net als het woud, niet enkel het belangrijkste communicatiemiddel, maar ook een voedselreservoir, wat tegelijkertijd de provincie voor een complexe uitdaging stelt. De natuurlijke rijkommen van de Evenaarsprovincie, die altijd onuitputtelijk leken, blijken vandaag immers niet alleen gelimiteerd maar ook nog eens bedreigd door de exploitatiewijze waaraan ze zijn blootgesteld. De regio blijft een ‘verzamelgebied’, waar een anarchie heerst die in de hand wordt gewerkt door de geografische insluiting. Of het nu gaat om rubber of wengé hout, palmolie of houtskool, ivoor of fumbwa; steeds zijn het ruwe producten die worden onttrokken aan de wouden en rivieren van het Congobekken. Deze gaan bijgevolg gebukt onder een voortdurende druk vanwege een arme bevolking, die steeds maar in aantal toeneemt.

 


Cover CA87


CONJONCTURES CONGOLAISES 2015
Entre incertitudes politiques et transformation économique
               Door Stefaan Marysse & Jean Omasombo Tshonda (eds)

Reeks  « Cahiers africains », n° 87 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L’Harmattan/KMMA/E-CA – CRE-AC

ISBN : 978-2-343-08858-7

326 p. 

Beschikbaar in het Frans

Verkoopprijs: 35,00 €


2015: het jaar van de stukgeslagen dromen. Een verkiezingsjaar zonder verkiezingen. Een jaar van nationale en inclusieve politieke dialoog, die op 31 december echter nog niets had opgeleverd. Een jaar van decentralisatie, terwijl de provinciale autonomie snel geconfisqueerd werd door de centrale overheid. Een jaar waarin de oppositie er steviger voorstond en de steun kreeg van belangrijke politieke personaliteiten, maar tegelijkertijd aan kracht inboette door de repressieve politiek van de regering. Een jaar waarin voor de Grondwet het respect werd opgeëist, dat echter tegenwind kreeg door een poging om diezelfde grondwet te wijzigen of door de inspanningen hem te ontkrachten. Een jaar van pacificatie in het oosten van het land dankzij, onder andere, operaties Sokola I en Sokola II. Desondanks is het geweld niet opgehouden, en zelfs op bepaalde plaatsen nog meer opgelaaid.
Het jaar dus van in vraag stellen en van verwarring, maar dit was niet het geval voor de transformatie op het economische en – gedeeltelijk – sociale vlak. In vergelijking met de jaren 1990 kent het land een merkwaardige ommekeer met in de voorbije tien jaar een aanhoudende groeiratio, die zich manifesteerde in een productiviteitsstijging in de bouw-, mijn- en communicatiesectoren. Dit heeft gezorgd voor een relatieve daling in de armoede van de huishoudens. Daarnaast heeft de stap naar opgedreven elektronische betalingen voor staatsambtenaren en de regelmatige uitbetaling van de salarissen ongetwijfeld de levensomstandigheden van de functionarissen flink verbeterd. De tastbare doorgevoerde hervormingen zijn, zoals bij elke verandering, het resultaat van verschillende factoren: bijvoorbeeld de steun van de internationale gemeenschap en de terugkeer van nieuwe binnen- en buitenlandse investeringen. In dit kader heeft de regering ervoor gekozen mee te gaan in deze globalisering, door ten volle haar troeven uit te spelen met betrekking tot de natuurlijke rijkdommen die de Democratische Republiek Congo de nieuwkomers aanbiedt. In deze evolutie schuilt echter het gevaar van een nieuwe vorm van extraversie van deze zelfde groei. Het is de reden waarom de regering in de voorbije jaren ook heeft geopteerd voor een versnelde ontwikkeling van de landbouw, een sector die binnenkort al drie decennia lang aan zijn lot is overgelaten met een verhoogde afhankelijkheid van de voedselimport uit het buitenland tot gevolg. Het is, onder andere, de actuele gok op ‘modernisering’ die deze editie 2015 van Conjonctures congolaises onder de loep neemt.
Het fundamentele probleem dat wordt geschetst is dus deze contradictorische evolutie tussen een veelbelovende economische ontwikkeling en een stagnerend of verslechterend politiek landschap. Deze paradoxale transformatie kan de schuchtere – maar reële –  verworvenheden in de heropbouw van het land doen wankelen.     
 


Cover Philatelie NL Filateliefde. De geschiedenis van België via de postzegel
Door Mathilde LEDUC-GRIMALDI (ed.)

Reeks "Collecties van het KMMA " (special issue)

Tentoonstellingcatalogus Filateliefde. De geschiedenis van België via de postzegel, BELvue, 6/02/2016-9/04/2016

ISBN NL: 978-9-4922-4421-5

96 p. 

Verkoopprijs: 16,50 €

   
Filateliefde laat je tijdens het lezen ronddwalen doorheen de postgeschiedenis en de verhalen over postzegels. De verzameling die bewaard wordt in het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika en de objecten uit privécollecties nodigen ons daar eveneens toe uit. De lezer kan een blik werpen op het fabricageproces van de postzegel, van zijn ontwerp tot de vellen die worden verdeeld in de postkantoren. Tegelijkertijd komt hij meer te weten over het werk van de kunstenaars, schilders, grafisch ontwerpers, graveurs en kleuretsers. Deze catalogus geeft een beeld van het specifiek karakter van de postzegelverzamelingen en van de evolutie van de filatelie tot op vandaag.
Via de postzegel, met zijn drukproeven en voorbereidende tekeningen, en de brief onder de postzegel, speelt zich voor onze ogen een geschiedenis af die België plaatst in het hart van de wereld en de wereld in het hart van België. Deze twee vierkante centimeter geven zo al een voorproefje van de overvloed aan uitwisselingen via gsm of via de sociale media van vandaag en hun kunstzinnige motieven zijn voor ons een weerspiegeling van de overtuigingskracht, urgentie, emotie, nieuwsgierigheid en vertrouwelijkheid die menselijke relaties beheersen.


Cover La Révolte de la Force publique congolaise

La Révolte de la Force publique congolaise (1895)
Les papiers Albert Lapière au Musée de Tervuren

Door Rik Ceyssens & Bohdan Procyszyn

Academia (Louvain-la-Neuve) in partnerschap met het KMMA (Tervuren)

ISBN : 978-2-8061-0246-1

256 p. 

Alleen beschikbaar in het Frans
Verkoopprijs: 27,00 €


De ‘papieren’ van Albert Lapière, aantekeningen vol realiteitszin en briefwisseling met de familie, zijn geschreven door iemand die getuige was van de gebeurtenissen rond de militaire opstand van 1895 in Luluabourg Mandji. De uitgave van deze documenten maakt het mogelijk het geheel van de beschikbare historische materialen aan elkaar te toetsen. Naast de belangrijkste basisbronnen, die al geruime tijd toegankelijk zijn (Verbeken 1958), zijn de archieven van de missionarissen opengesteld en, dankzij de toenemende digitalisatie van de secundaire bronnen (overvloedige en gediversifieerde lokale en nationale pers), zijn deze laatste ook vlot toegankelijk. Het spreekt voor zich dat de gedetailleerde voorstelling van al deze documenten de ideale gelegenheid is om te onderzoeken hoe de beroepshistorici ze hebben benut: ‘the point of history is to study historians, not to study the past’ (Evans 1997).

De auteurs
Rik Ceyssens
, licentiaat archeologie en kunstgeschiedenis (Université libre de Bruxelles), doctor in de culturele antropologie (Radboud Universiteit in Nijmegen), auteur van verschillende werken die gepubliceerd zijn door het Museum van Tervuren en Bohdan Procyszyn, licentiaat Romaanse filologie (Université libre de Bruxelles) hebben in het kader van de Belgische Technische Coöperatie lesgegeven in het middelbaar en hoger onderwijs in Kanaga (DR Congo), respectievelijk van 1965 tot 1990, en van 1972 tot 1981.
  


Cover Katanga


KATANGA
Des animaux et des hommes
(special issue)
Door Michel Hasson


Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (Tervuren) & Biodiversité au Katanga, in partnerschap met KBIN (Brussel)

ISBN : 978-9-4922-4417-8

Doosje (box) met twee hardcover volumes (niet apart verkrijgbaar):
Volume 1 = 296 p./Volume 2 = 496 p. 

Alleen beschikbaar in het Frans
Verkoopprijs: 95,00 €


Deze twee volumes, die er elk verschillend uitzien, werden samengebracht in eenzelfde box en gaan beide over de relatie die er in Katanga altijd heeft bestaan tussen dier en mens.

De auteur geeft in het eerste volume eerst en vooral een schets van de geografische en historische context van de provincie en diept nadien de gebruiken en het geloof met betrekking tot de fauna uit. Vervolgens heeft hij het over de activiteiten die gelinkt zijn aan de dierenwereld zoals jacht en visvangst, om te eindigen met natuurbehoud, een actueler aspect van het thema.

Het tweede volume is een gids over de vertebraten van Katanga. Naast de biologische kenmerken worden voor iedere bestudeerde soort aspecten belicht met betrekking tot folklore, geloof of de jacht. De invertebraten worden echter niet vergeten en hun interactie met de mensenwereld wordt besproken in uiteenlopende domeinen, van geneeskunde over landbouw tot folklore. Op het einde van het volume vindt de lezer fauna-lijsten die zijn opgesteld door de experts van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika, met alle vertebraten die in Katanga bekend zijn. Dit werk is zo de eerste complete gids van vertebraten in Katanga.

De auteur
Michel Hasson werd geboren in 1955 in Kalemie, aan de oevers van het Tanganyikameer. Zijn familie kwam aan in Katanga in 1932. Natuur is zijn passie en hij is dan ook actief in verschillende verenigingen die werken rond het behoud van biodiversiteit in Centraal-Afrika.
 

 


Cover Mongala


Mongala.
Jonction des territoires et bastion d’une identité supra-ethnique
onder leiding van Jean Omasombo

Volume n° 8 van de collectie 'Monographies des provinces de la République démocratique du Congo'

Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (Tervuren)
met de steun van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking (DGD)

ISBN : 978-9-4922-4416-1
372 p. 
Alleen beschikbaar in het Frans

  • Download pdf
  • Indien u een gedrukte versie van die werk wenst, kunt u Dirk De Croes contacteren voor een offerte en bestelling.
  • Andere online collecties van "Monographies des provinces de la République démocratique du Congo"
     

Zelfs met een oppervlakte van 58 141 km2 vormt Mongala, met slechts drie territoria, het kleinste administratieve geheel van de 26 provincies van de DRC voorzien in de Grondwet van 18 februari 2006.
Haar indeling is in de eerste plaats een weerspiegeling van politiek-administratieve motieven. Deze hebben ertoe geleid dat Mongala uitgestrekt is van west naar oost : het toont de wil om een kern van Ngombe volkeren bijeen te brengen rond Lisala, en de Budja, die gevestigd zijn in het Bumba territorium, eraan toe te voegen. Deze laatsten zijn traditioneel verwant aan de bevolkingsgroepen van de Province-Orientale (Mbole/Mobango, enz.). Het is in 1955, tijdens de laatste grote administratieve hervorming van Belgisch Congo, dat Bongandanga werd ingelijfd. Deze veelbewogen evolutie is op zich de weergave van een discordant geheel, het ogenschijnlijke gevolg van een geografische overgangspositie op een samenvloeiing van gebieden waar de Mongo-volkeren wonen ¬ ‘Watermensen’, Ngbaka, Ngbandi, enz. Het lijkt een samenvoeging van zowel volkeren en territoria die de sporen dragen van hun versnippering.

De inrichting van Mongala houdt impliciet een identiteitsprobleem in, aangezien het regionale karakter van het district versmolten is in een dubbele tegenstrijdige relatie: langs de ene kant een situatie die zichtbaar is voor de buitenwereld en de ‘autochtonen’ confronteert met de naburige etnieën, in het bijzonder de Ngombe tegenover de Mongo, langs de andere kant het onderhuidse conflict, waarbij twee dominante bevolkingsgroepen worden opgevoerd, de Ngombe en de Budja. De spanningen tussen Ngombe en Mongo mogen dan wel opgedoken zijn bij de onafhankelijkheid, rond het politiek leiderschap in de provincie Equateur, hun oorsprong is toch te vinden in de rivaliteit tussen de scheutisten en de missionarissen van het Heilig Hart. De verschillende volkeren van Mongala maken, ruim gezien, deel uit van de Bangala-groep, een supra-etnische identiteit, gebaseerd op de handelstaal van de volkeren die langs de Congorivier gevestigd zijn. Deze taal, die in zijn gesystematiseerde vorm verspreid werd door het onderwijs, werd ook doorgegeven via Force publique.
Van buitenaf gezien vormt de taal ook de identiteit van Mongala, een identiteit die zich op haar beurt zal installeren in het geheel van de provincie Equateur. De Mongo-identiteit werkt als tegengewicht van dit succes, door zich te baseren op de promotie van de Lomongo-taal, die zou moeten fungeren als tegenhanger van het Lingala.

Intern laten de eigenheden zich gelden en raken verankerd tot in de organisatie van het grondgebied. Ngombe en Budja worden rivalen en hun antagonisme komt symbolisch tot uiting in de tegenstelling tussen hun respectieve administratieve hoofdplaatsen. Het bureaucratische Lisala, zetel en brandpunt van onderwijs met culturele uitstraling, kijkt minzaam neer op het handeldrijvende Bumba en zijn nabijgelegen plantages, het centrum van de bevolking en van de economische activiteiten in het noorden van het land.

Het woud is alomtegenwoordig in dit gebied, waar op gezette tijden ook landbouwgewassen worden geteeld. Zijn natuurlijke rijkdommen hebben altijd aanleiding gegeven tot afgunst: Ze maken dat in de regio exploitatiemethodes worden gehanteerd die nog altijd tot controverse leiden. De menselijke activiteiten vertonen er al de kenmerken van een extraverte economie, waarvan de kosten (zowel op menselijk als milieuvlak) overigens werden gedragen door Mongala sinds het einde van de 19e eeuw. De stigmata van het ‘rode rubber’ zijn er lang levendig gebleven en de recente campagnes tegen plunderingen in het woud lijken hiervan een weerspiegeling te zijn en impliceren daarnaast nog de delicate thematiek van de (bos)milieubescherming. Van verleden tot heden vormt de rivier en zijn aftakkingen een van de belangrijkste elementen – zo niet hét belangrijkste –  van continuïteit in de lokale economische veranderingen.
Het waterwegennet van Mongala vormt een knooppunt met verschillende grondgebieden en verbindt Mongala met het district van de provincie Equateur en Kinshasa, met Sud- en Nord-Ubangi, Ituri en de twee Ueles, tot Aketi en, ten slotte Kisangani. Bumba en Lisala trekken de landbouwoverschotten en bosproductie van hun hinterland naar zich toe om deze dan via de rivier door te sturen naar naburige streken of over land naar de Centraal-Afrikaanse Republiek (via Akula-Zongo). Gedragen vooral door dit natuurlijk netwerk, vormt Mongale een belangrijke productiedraaischijf in heropbloei. Dit, samen met een bevoorrechte geostrategische ligging, maken het gebied uitermate geschikt voor talrijke ontwikkelingsprogramma’s van zowel overheid als privé-initiatiefnemers.


Cover Limbum-English


Limbum-English Dictionary
& English-Limbum Index

Door Francis Wepngong NDI

Reeks "Tervuren Series for African Language Documentation and Description"

ISBN : 978-9-4916-1527-6
420 p. 


Verkoopprijs: 27,00 €

Limbum (de Mbum-taal) is een Eastern Grassfields Bantoetaal die bestaat uit drie dialecten. Volgens de resultaten van een volkstelling uit 2010 spreken bijna 1 340 000 Kameroeners Limbum. De meeste personen die Limbum spreken zijn afkomstig uit de centrale Nkambe regio en de Ndu streek van het noordwesten van de Republiek Kameroen.

Dit woordenboek is een praktische gids voor standaard Limbum, met meer dan 8343 referenties. Het is de eerste lexicale database van de Mbum taal, met een breed gamma van grammaticale ontdekkingen.

Francis Ndi Wepngong, geboren in Mbot op 15 januari 1968, behaalde een diploma Research Master in Linguistics (MPhil) aan de Universiteit Leiden. Hij startte met zijn lexicografisch onderzoek over Limbum in 2002, tijdens zijn vrijwilligerswerk aan het Summer Institute of Linguistics (SIL), Yaounde, Kameroen. Sinds 2010 is hij aan het werk als zelfstandig linguïstisch consultant in Leiden, Nederland. Zijn favoriete onderzoekthema's zijn semantiek, pragmatiek, discoursanalyse en sociolinguïstiek.

 


Cover CA86


CONJONCTURES CONGOLAISES 2014
Politiques, territoires et ressources naturelles : changements et continuités
Stefaan Marysse & Jean Omasombo Tshonda (eds)

Reeks  « Cahiers africains », n° 86 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L’Harmattan/KMMA/E-CA – CRE-AC

ISBN : 978-2-343-05981-5
300 p. 

Beschikbaar in het Frans

Verkoopprijs: 32,50 €

Het gebrek aan diepgang of de oppervlakkigheid van de veranderingen die zich al meer dan tien jaar afspelen in de Democratische Republiek Congo vormen de achtergrond van dit volume. Op bepaalde punten is er een duidelijke breuk met het verleden maar het diep ingewortelde cliëntelistische gedrag op politiek vlak dreigt de vooruitgang te dwarsbomen.
 

Het is vooral op economisch vlak, maar ook met betrekking tot het beheer dat aan de basis ligt van de economische hervormingen, dat we reële veranderingen waarnemen. Na drie decennia waarin de formele sector is ingestort, geeft het land blijk van een duidelijke, aanhoudende economische groei. Voor het eerst sinds de onafhankelijkheid is ook de wisselkoers al meer dan zeven jaar stabiel gebleven op de vrije wisselmarkt. Dit is een indicator dat het land niet verarmt ten opzichte van het buitenland en tegelijkertijd houdt dit in dat de hoeveelheid deviezen die binnenkomt in evenwicht staat met wat buitengaat. En het is juist hierin dat we de kenmerken van het groeimodel aanraken. De motor van deze herwonnen groei is de bloeiende mijnsector, die van overal internationale ondernemingen heeft aangetrokken.
Deze nieuwe internationale aandacht is het resultaat van de liberalisering van de economie, onder bescherming van de internationale financiële instellingen.
 

Dit model is overgenomen door de nationale politieke instanties, door een nieuwe mijncode uit te werken en – niet zonder weerstand vanuit verschillende hoeken – nieuwe instrumenten aan te wenden die bij deze verandering horen, zoals het Initiative pour la Transparence dans les Industries Extractives (ITIE), de organisatie die toezicht houdt op de transparantie in de extractieve industrieën.
Vooruitgang valt ook elders waar te nemen. De hervormingen in de uitbetaling van de staatsambtenaren – ondersteund door de EU – via de invoering van de elektronische betaling, hebben verschillende begunstigden in de circuits waar salarissen manueel worden uitbetaald doen knarsetanden.
Andere economische sectoren, onder andere communicatie en bouw, zijn fors gegroeid en dit alles heeft geleid tot een heropleving van de formele sector in en rond de grote stedelijke en industriële centra. Deze vooruitgang is echter nauwelijks waar te nemen in de rest van de maatschappij, die vaak nog geïsoleerd blijft en geen toegang heeft tot goede communicatienetwerken, energievoorzieningen en andere publieke infrastructuur. Net hierin ligt de kwetsbaarheid van dit nieuwe groeimodel. Het blijft aangewezen op de buitenlandse vraag naar natuurlijke hulpbronnen, met te weinig sociale impact binnen het land zelf. Zo toont de tewerkstelling perfect tegelijkertijd het succes en de limieten van de economische heropleving aan. In het begin van het millennium had nauwelijks 10 % van de actieve bevolking toegang tot (onregelmatige en slecht betaalde) loonarbeid. De economische bloei heeft als gevolg gehad dat het aantal loontrekkers (die regelmatiger en beter betaald werden) steeg naar 30% van de actieve bevolking.
Is deze economische heropleving duurzaam en heeft men definitief met het verleden gebroken? Een bevestiging van deze stelling zal, zoals bewijsmateriaal en analyses voor verschillende Afrikaanse landen en de DR Congo in het bijzonder hebben aangetoond, afhangen van de politieke evolutie van het land. En het is juist hier dat het schoentje wringt. In 2014 werden de electorale vooruitzichten en het einde van het mandaat van Joseph Kabila in 2016 breed uitgesmeerd in de media. De essentiële vragen blijven echter onbeantwoord. De regeringsvorming met brede nationale cohesie, aangekondigd in oktober 2013, vond slechts plaats in december 2014, maar op dat moment was de echte betekenis ervan reeds verloren gegaan. Sindsdien zien we spanningen en instabiliteit op de politieke scène, met op termijn een risico op algehele chaos.


 

 

Cover Masques geants NL


Reuzemaskers uit Congo.
Etnografisch erfgoed van de jezuïeten in België
door Julien Volper et al.

Reeks "Collecties van het KMMA "

Catalogus van de tentoonstelling Reuzemaskers uit Congo, BELvue 13/05-08/11/2015

ISBN : 978-9-4922-4414-7
152 p. 
 

 Verkoopprijs: 19,50 €


De indrukwekkende collecties van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika zijn tot stand gekomen in een tijdspanne van meer dan honderd jaar via talrijke aankopen, inzamelingen en giften. De beroepsachtergrond van de verzamelaars bleek in de loop der jaren extreem gevarieerd: territoriale ambtenaren, landbouwingenieurs, etnologen, militairen, artsen … of missionarissen.
Dit werk behandelt het thema van de objecten die de jezuïeten hebben verzameld in het zuidwesten van de huidige Democratische Republiek Congo en de wetenschappelijke banden die deze missionarissen gesmeed hebben met het KMMA.
De jezuïeten, die zowel geestelijken als onderzoekers waren, droegen bij tot een betere kennis van de verschillende culturen binnen de DRC.
Zij brachten belangrijke verzamelingen tot stand (meerdere duizenden objecten), verdeeld in het begin tussen het museum van Tervuren en het missiemuseum van Leuven-Heverlee. Dit laatste is vandaag de dag gesloten maar zijn collecties, die een miskend cultureel erfgoed vertegenwoordigen, werden in 1998 in het KMMA in bewaring gegeven.

Een deel van deze gecontextualiseerde ‘jezuïetenobjecten’ zijn terug te vinden in dit boek (tevens catalogus van de tentoonstelling Reuzemaskers uit Congo, BELvue 13/05-08/11/2015). De filosofie en de verzamelmethoden van deze objecten, die een plaats opeisten in een museale setting, komen eveneens aan bod.

De auteurs
Wauthier de Mahieu
: jezuïet en doctor in de culturele antropologie (KU Leuven). Hij heeft voornamelijk de cultuur van de Komo bestudeerd, een volk dat in het evenaarswoud woont in het zuidwesten van Kisangani in de DR Congo. De auteur publiceerde verschillende artikels en boeken, waaronder Qui a obstrué la cascade ? Analyse sémantique du rituel de la circoncision chez les Komo du Zaïre (1986).

Viviane Baeke : doctor in de sociale antropologie (ULB) en conservator in de afdeling Etnografie van het KMMA. Ze legt zich toe op de vergelijkende studie van de denksystemen in Midden-Afrika, in het bijzonder in Kameroen en de DR Congo. De auteur publiceerde verschillende artikels en boeken, waaronder: Le temps des rites. Ordre du monde et destin individuel en pays Wuli (2004).

Julien Volper: doctor in de kunstgeschiedenis (Paris 1 Panthéon-Sorbonne) en conservator in de afdeling Etnografie in het KMMA. Hij is gespecialiseerd in de studie van oude kunsten en culturen van Midden-Afrika en, meer in het bijzonder, van de DR Congo. De auteur publiceerde verschillende artikels en boeken, waaronder Ora Pro Nobis : étude sur les crucifix bakongo (2011).
 

 

 

 


 

cover-tanganyika

Tanganyika. Espace fécondé par le lac et le rail
onder leiding van Jean Omasombo

Volume n° 7 van de collectie 'Monographies des provinces de la République démocratique du Congo'

Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (Tervuren)
met de steun van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking (DGD)

ISBN : 978-9-4916-1587-0
440 p 

Alleen beschikbaar in het Frans

pdf downloaden

Indien u een gedrukte versie van dit werk wenst, kunt u Dirk De Croes contacteren voor een offerte en bestelling.

Heel vroeg al wekt de Taganyika-regio de nieuwsgierigheid op van westerse en Arabische geleerden op zoek naar de bronnen van de Nijl. Ze strekt zich uit over een oppervlakte van ongeveer 135 000 km, of bijna 6 % van het nationale territorium, in een gebied dat zich ruwweg bevindt tussen de Lomami-Lualaba bergkam in het westen, een rotsachtige heuvel in het oosten en in het zuiden de Kamalondo-depressie en de barrière van drie meren: Moëro (noordelijke punt), Mweru Wantipa (Republiek Zambia) en Tanganyika (onderaan). Alleen de noordelijke grens die langs de 5e graad zuiderbreedte loopt, van de kruising met de Kiangwe-rivier tot de oostelijke grens van de DR Congo, lijkt helemaal geen rekening te houden met natuurlijke omstandigheden.
De economie van de regio kreeg een boost in de voorbije eeuw door de samensmelting van water en ijzer. Vanaf de kustlijn langs de hele oostelijke flank, doorkruisen de spoorrails het binnenland, op zoek naar de Lualaba, die ze vinden in Kabalo, het knooppunt van het spoornet dat zorgt voor de verbinding met het noorden (Kindu, Maniema) en het zuiden (Kamina, Haut-Lomami). De rivier zelf, die vervangen werd door de spoorweg tussen Kabalo en Kongolo, dient als bevaarbaar kanaal dat aan een stuk bevaarbaar is over honderden kilometers, vanaf Malemba-Nkulu (Haut-Lomami) tot de Portes d'Enfer watervallen stroomafwaarts van Kongolo. Tot op de vooravond van de onafhankelijkheid nam deze structuur geleidelijk vorm aan en er werd een uitgebreid wegennetwerk (ongeveer 5000 km) aan toegevoegd. Hierrond ontwikkelden zich meerdere sectoren van economische activiteit. Enkele pronkstukken van de koloniale industrie werden lokaal ingeplant: CFL en Filtisaf in Albertville/Kalemie; Géomines in Manono; Cotanga in Kongolo, enz. Via de haven die open stond voor het centrum en voor oostelijk Afrika, ontwikkelde zich ook een belangrijke handel, in het bijzonder langs de Kigoma-Dar es Salaam corridor. Het is precies door deze maritieme handel dat Tanganyika, ondanks zijn alomgekende agropastorale afzetmogelijkheden, een grotere reputatie verwierf, dit in contrast met het zuiden, waar de aandacht zich toespitste op mijnbouw.
Met dit kort overzicht van enkele specifieke economische karakteristieken van de regio in het achterhoofd, is het verleidelijk ook de politiek hierbij te betrekken en a posteriori de korte periode van de eerste decentralisatie (1962-1967) te zien als het doortrekken van een regionaal particularisme. De grondwet van 1 augustus 1964 (de zogenaamde Luluabourg-wet), waarin de kaart van de 22 provincies was geïntegreerd, erkent immers het bestaan van een provincie Nord-Katanga, die zich uitstrekt naar Tanganyika en naar Haut-Lomami en die de ‘Gelubaïseerde’ bevolkingsgroepen samenbrengt, terwijl op het politieke vlak de Balubakat, de leidinggevende partij in het noorden van de provincie Katanga een tijdlang de plak zwaait. Deze situatie is niet zozeer de weerspiegeling van een regionale identiteit maar eerder het resultaat van conjuncturele evoluties. Een gedetailleerd onderzoek van deze belangrijke geschiedkundige periode van het district, legt in feite een complexe situatie bloot, waarin spanningen tussen unitaristen en federalisten, etnische reflexen, strategische berekeningen, persoonlijke ambities en machtsspelletjes met elkaar verweven zijn. Het perspectief van een eengemaakt Katanga in een gecentraliseerd Congo bleef in het algemeen het te bereiken doel en de spelers aanvaardden het idee van deze uit het niets opgericht provincie enkel als een tijdelijke maatregel, bij gebrek aan een beter alternatief om de secessie, onder leiding van Tshombe te neutraliseren. Het valt dan ook niet te verwonderen dat de Noord-Katangese autoriteiten de latere bekrachtiging van de fragmentatie van de provincie met gemengde gevoelens ontvingen. Sindsdien hebben de machtswissels van verschillende onderdanen van het gebied – te beginnen met Laurent Désiré Kabila – en de niet ingeloste verwachtingen, bij de bevolking een nieuwe visie gecreëerd rond de decentralisatie: het zou dé manier kunnen zijn om, vanuit de basis, hun eigen ontwikkeling in handen te nemen.
Zoals ook het geval was bij de vorige uitgaven, besteedt deze monografie van het project ‘Provinces-Décentralisation’ ruime aandacht aan de historische, socio-administratieve, politieke en socio-economische ontwikkelingen. Ze probeert echter ook een analyse en overzicht te geven van kennis die niet enkel met deze aspecten te maken heeft. Zowel de natuurwetenschappen (fauna, vegetatie, hydrologie, geologie, geografie) als andere domeinen van de menswetenschappen (antropologie, musicologie) dragen bij, door het enorme gevarieerde aanbod van informatie over deze verschillende dimensies, tot een betere kennis over Tanganyika. 


 

 

Dragonflies2

The Dragonflies and Damselflies of Eastern Africa
Handbook for all Odonata from Sudan to Zimbabwe 
door Klaas-Douwe B. Dijkstra & Viola Clausnitzer

Reeks Studies in Afrotropical Zoology nr. 298

Gepubliceerd door het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika, in partnerschap met Naturalis (Leiden) en met de steun van JRS Biodiversity Foundation en German Federal Ministry of Education & Research

ISBN: 978-9-4916-1506-1

264 p.
Verkoopprijs: 30,00 €

 

Slechts weinig dierengroepen vertegenwoordigen de grootste (insecten) en meest bedreigde (zoetwater) biodiversiteit op aarde zo goed als libellen, misschien wel de bekendste en kleurrijkste soort van alle waterinsecten. The Dragonflies and Damselflies of Eastern Africa (Libellen en Waterjuffers van Oost-Afrika. Handboek voor alle Odonata van Soedan tot Zimbabwe), product van 15 jaar onderzoek, is het eerste handboek dat zo uitgebreid en gedetailleerd de tropische Odonata onder de loep neemt. Het boek mag dan één derde van Afrika behandelen, van Soedan en Somalië tot Zambia en Mozambique, met inbegrip van de volledige oostelijke helft van het Congobekken – ongeveer tien miljoen vierkante kilometer in totaal, een oppervlakte vergelijkbaar met China of de Verenigde Staten – maar het geeft wel een overzicht van bijna twee derden van de soorten aanwezig op het continent. Ruim 500 soorten worden geïllustreerd met 1120 originele tekeningen en 320 soorten zijn terug te vinden op de meer dan 360 kleurenfoto’s. Identificatiesleutels van de volwassen mannetjes van alle soorten bieden nieuwe referentiepunten om de ‘birdwatcher insects’ in Afrika te herkennen; gedetailleerde genusbeschrijvingen bieden de tot dusver meest omvangrijke inventaris aan over hun ecologie en taxonomie en bij elke soort is voor het eerst een Engelse niet-wetenschappelijke naam vermeld. Gevalideerde checklists zijn voorzien voor de Democratische Republiek Congo, Ethiopië, Kenia, Malawi, Mozambique, Rwanda, Somalië, Zuid-Soedan, Soedan, Tanzania, Oeganda, Zambia en Zimbabwe.

De auteurs
KD Dijkstra
is eveneens auteur van de Field Guide to the Dragonflies of Britain and Europe, waarmee hij veel succes oogstte.
Viola Clausnitzer is al meer dan tien jaar lang voorzitster van de groep libellenexperts bij de IUCN (internationale unie voor natuurbescherming).

 


 

 

Cover CA85


La gestion macroéconomique de la République démocratique du Congo durant et après la Transition démocratique
door Claude Sumata

Reeks" Cahiers africains" n° 85 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L’Harmattan/KMMA

Beschikbaar in het Frans

 

ISBN: 978-2-343-04106-3

256 p.
Verkoopprijs: 27,00 €

 

Dit boek doet een poging de macro-economische situatie van de Democratische Republiek Congo tijdens de laatste decennia te vatten. De economische malaise waarin het land zich na 50 jaar onafhankelijkheid nog steeds bevindt, roept om bezinning over de structurele oorzaken van dit aanslepend probleem. Alleen zo kan men de juiste weg inslaan naar een politiek gericht op een reële ommekeer.
Het instorten van de Congolese economie en haar omwentelingen sinds de jaren 60 hebben tot een belangrijke regressie geleid in de levensomstandigheden van de bevolking. Dit ging nog gepaard met twee essentiële factoren waarmee terdege rekening moet worden gehouden: onvoldoende economische groei en een gebrek aan een eerlijke politieke verdeling van het nationaal inkomen. De stijgende verarming heeft geleid tot een niet aflatend immigratieproces en de burgeroorlog en gewapende conflicten hebben het land verdeeld en bepaalde regio's tot enclaves herleid. De situatie wordt nog bemoeilijkt door de proliferatie van gevechten in de kantlijn, meer bepaald door de tussenkomsten van buurlanden.
Structurele hervormingen zijn absoluut noodzakelijk om een reorganisatie van het financiële systeem te bewerkstellingen in de periode die volgt op de conflicten. Alleen op die manier kan economische groei worden teweeggebracht en armoede teruggedrongen. Een proactieve en daadkrachtige politiek is noodzakelijk om het ondernemerschap te bevorderen door een boost in het zakenklimaat. Deze verdienstelijke dynamiek veronderstelt het behoud van het leadership en een goed bestuur, om zo te komen tot instellingen die op nationaal niveau efficiënt functioneren.
De creatie van financiële hulpbronnen en hun verdeling naar de prioritaire sectoren van de nationale economie zijn absoluut prioritair. Bijgevolg kan de overdracht van fondsen uit de diaspora een essentiële rol spelen als efficiënte maatregelen worden genomen om deze geldstromen te richten naar productieve investeringen. Men moet enkel maatregelen nemen waardoor de Congolezen uit het buitenland KMO’s/KMI’s kunnen opzetten en promoten.


De auteur
Claude Sumata heeft gedoceerd aan talrijke universiteiten en hogescholen in de DR Congo, in Frankrijk en Engeland. Op dit moment is hij professor economie aan de Université catholique du Congo (UCC) en aan de Université pédagogique nationale (UPN) in Kinshasa. Hij werkt ook als internationaal consultant voor instellingen van de Verenigde Naties en als expert macro-economie voor Bricks International. Zijn recente publicaties over de macro-economische politiek van de DRC gaan over de dynamiek van de groei en het terugdringen van armoede. Zijn onderzoek betreft eveneens bank- en financiële systemen, overdracht van migrantenfondsen en ondernemerschap.
  


 

 

Cover nom et usages

Noms et usages de plantes, animaux et champignons chez les Mbuun, Mpiin, Ngong, Nsong et Hungan en RD Congo
door Joseph Koni Muluwa
Ed.: M. Devos

Reeks '"Tervuren Series for African Language Documentation and Description"

Beschikbaar in het Frans

ISBN: 978- 9- 4916-1528-3
168 p.

Verkoopprijs: 18,00 €

 

Nsong, Ngong, Mpiin, Mbuun en Hungan zijn Bantoetalen die worden gesproken in en rond de stad Kikwit, in de provincie Bandundu in de DR Congo. Het zijn minderheidstalen en hun gebruik wordt geleidelijk opgegeven ten voordele van de nationale en officiële talen.

In dit boek – een verzameling van traditionele kennis over planten, dieren en paddenstoelen uit deze streken – ontdekt de lezer verschillende gebruikswijzen (voeding, medicinaal, ambachtelijk, meteorologisch, ritueel) van deze organismen. De gebruikswijzen hebben al hun nut bewezen binnen deze gemeenschappen en kunnen eveneens anderen tot nut zijn, indien geëxploiteerd door de wetenschappers. De traditionele kennis verdwijnt jammer genoeg beetje bij beetje, vandaar het belang van een dergelijk lexicon.

Joseph Koni Muluwa, geboren in Kikwit in de DR Congo in 1964, is doctor in de talen en letteren van de Université libre de Bruxelles (2010). Hij heeft gedurende verschillende jaren zijn expertisedomein bestudeerd, nl. de relaties tussen linguïstiek en biodiversiteit vanaf 2005. Tot 2012 werkte hij eveneens als postdoctoraal onderzoeker in het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren en momenteel verricht hij in de Universiteit Gent onderzoek naar bedreigde Bantoetalen. Zijn voorkeur gaat uit naar de onderzoeksdomeinen van de vergelijkende en historische linguïstiek en de documentatie van de bedreigde Afrikaanse culturele traditionele kennis.

Meer informatie over de inhoud van deze reeks 'Tervuren Series for African Language Documentation and Description' of mail naar lingui@africamuseum.be

 


 

 

Cover Conjoncture congolaises

Conjonctures congolaises 2013
Percée sécuritaire, flottements politiques et essor économique

door Stefaan Marysse & Jean Omasombo Tshonda (eds)

Reeks" Cahiers africains" n° 84 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L’Harmattan/KMMA/E-CA – CRE-AC

Beschikbaar in het Frans

ISBN: 978-2-343-03304-4
272 p.

Verkoopprijs: 28,00 €


In 2013 zou een kentering plaatsvinden. De pacificatie van Congo, de start van het nationaal overleg (‘concertations nationales’), het invoeren van de structurele hervormingen op politiek en administratief vlak en de aanpak van de problemen rond veiligheid stonden op de agenda. Bij het jaareinde blijkt de balans echter niet onverdeeld succesvol: de overwinning op de M23, de verbetering van bepaalde macro-economische indicatoren, de hernieuwing van de CENI worden enigszins in de schaduw geplaatst door andere gebeurtenissen die duidelijk aangeven dat op het vlak van de veiligheid de situatie in de DRC nog altijd gekenmerkt wordt door instabiliteit, volatiliteit en dreigingen die uit het niets kunnen opduiken.  

Nu voor de eerste keer bepaalde basisvoorwaarden  tot verandering vervuld waren (wijziging in het militaire opperbevel, internationale interventiebrigade, Amerikaanse druk, enz.), kon in het oosten een patstelling worden gedeblokkeerd, die zich voordeed onder velerlei vorm (RCD, CNDP, MC23) maar eigenlijk voortkwam uit één en dezelfde realiteit.
Een reeks gemediatiseerde acties gericht tegen de president van de Republiek deden voor de Congolese autoriteiten enigszins afbreuk aan deze tijdelijke opleving. In de marge van de talrijke vragen die ze oproepen getuigen ze van een politieke malaise en van een diepe ontevredenheid. De aanvallen van 30 december, die tegelijkertijd werden uitgevoerd in Kinshasa, Lubumbashi en Kindu laten in ieder geval doorschemeren dat de macht heel broos is en nog steeds verzwakt door de verkiezingen van 2011.

Eind 2013 liet de sinds oktober aangekondigde regering van nationale eenheid nog steeds op zich wachten. 
De impasse op politiek vlak staat in schril contrast met een lichte – maar toch duidelijk waarneembare – verbetering van de economische governance. Zowel op economisch als op sociaal vlak werden successen geboekt. Door deze governance is men er immers in geslaagd de wisselkoers te stabiliseren, inflatie een halt toe te roepen en een duurzame groei opnieuw op te bouwen. Het is vooral deze laatste die, door de bloei van de mijnsector, geleid heeft tot een stijging in budgettaire inkomsten. Deze, gekoppeld aan een beter beheer (uitbetaling van de salarissen via de bank), heeft sinds twee jaar een positieve sociale impact die bij de werknemers in goede aarde valt. Het spreekt voor zich dat deze kentering voor het gros van de bevolking, die moet overleven in de informele sector, minder voelbaar is. De relatieve economische en sociale vooruitgang biedt hoopvolle perspectieven maar de politieke impasse leidt tot inertie en verbittering. De opvattingen over het gezag en de manier waarop de Staat wordt geleid moeten nodig bijgestuurd.


 

Cover Décentralisation et espaces de pouvoir


Décentralisation et espaces de pouvoir
onder leiding van Paule Bouvier & Jean Omasombo Tshonda (KMMA)

Gepubliceerd door het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (Tervuren) met de steun van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking (DGD)

Reeks: 'Monographies des provinces de la République démocratique du Congo'

Enkel beschikbaar in het Frans

432 blz.
Verkoopprijs: 29,00 €
ISBN : 978-9-4946-1525-2

Welke staatsvorm is nodig voor een geslaagde decentralisatie in de Democratische Republiek Congo? Hoe kan geopolitiek bijdragen tot decentralisatie? Wat staat een decentralisatie in de weg en wat gebeurt er als ze eenmaal op drift slaat? Het zijn maar enkele van de vragen die in dit boek aan bod komen.

Décentralisation et espaces de pouvoir is het vervolg op het vorige volume dat verscheen in 2012 (La Décentralisation de la Première à la Troisième République), dat onderzoekt hoe het decentralisatieproces verlopen is tijdens de talrijke implementatiepogingen sinds 1960. De huidige publicatie borduurt voort op de vorige, door over het decentralisatieproces het debat te openen vanuit verschillende disciplines (geografie en landbeheer, bestuur, economie, geschiedenis, ...) en door bijdragen van verschillende auteurs over de ambities/activiteiten van de politieke machthebbers.
 

  • Het eerste deel bevat een tiental bijdragen over enkele van de hierboven aangehaalde thema's. Het begrip 'ruimte' kan op verschillende manieren worden geïnterpreteerd, het roert verschillende aspecten aan. Het gaat om de politiek die eerst en vooral gelinkt is aan het beheer van het territorium, de specifieke ruimte die burgers die er wonen hun identiteit verleent, juist omdat ze zich op die specifieke plek bevinden. Maar er zijn ook nog andere plaatsen en krachten die de ontwikkeling van het land en zijn inwoners beïnvloeden: de aanspraak op de natuurlijke rijkdommen, het culturele en sociale, de zoektocht naar een evenwicht tussen decentralisatie en het plannen van een ‘nieuwe' decentralisatie, de partnerschappen tussen de Staat, de provincies en de gedecentraliseerde territoriale entiteiten (ETD, entités territoriales décentralisées). Het betreft hier zowel de DRC als de Staat in zijn globale territoriale ruimte, de interne coherentie van de gedecentraliseerde entiteiten als de verhouding van deze laatsten met de centrale Staat, waarvan sprake.
    Het concept van ruimtes voor bevoegdheden verwijst ook naar het concept van de grenzen. In de DRC staat decentralisatie eerst en vooral voor verdeling van het territorium. Het begrip grens houdt afbakening in, als middel om inwoners en natuurlijke rijkdommen te scheiden of te groeperen met betrekking tot grondkwesties. Een grens vloeit voort uit complexe historische processen. Dit is het geval voor Afrika, waar het vastleggen van de staatsgrenzen in het algemeen gelinkt was aan de koloniale overmacht. Om de nieuwe Staten te consolideren en hun fysieke integriteit te behouden, verwezen de Afrikaanse staatshoofden tijdens een bijeenkomst in Addis Abeba in Ethiopië in 1963 naar het uti possidetis juris, een doctrine die al toegepast werd in Zuid-Amerika. De investituur van de soevereine rechten over hun respectieve territoria zou voor deze nieuwe staatsautoriteiten de belangrijkste erfenis van de kolonisatie zijn. In die zin, wanner men gaat onderzoeken hoe de buitengrenzen van de DRC historisch gegroeid zijn, werkt men ook mee aan het beleid van een decentralisatie die de klippen van de territoriale verbrokkeling moet zien te omzeilen.
  • Het tweede deel van dit werk is hieraan gewijd en geeft een volledige, goed onderbouwde politiek-diplomatieke kroniek van Congo’s grensafbakening vanaf 1876 tot zijn onafhankelijkheid in 1960. 
     

  

Cover Sudubangi


Sud-Ubangi. Bassins d’eau et espace agricole

onder leiding van Jean Omasombo (KMMA)

Co-editie: Koninklijk Museum voor Midden-Afrika  (Tervuren), Samsa Editions (Brussel)

Reeks: «  Monographies des provinces de la République démocratique du Congo »


Enkel beschikbaar in het Frans

464 p.
Verkoopprijs: 29,00 €
ISBN : 978-2-87593-014-9


Sinds 1977 verwijst de naam ‘Ubangi’ naar twee districten in de Democratische Republiek Congo, namelijk Nord-Ubangi en Sud-Ubangi, zo genoemd omdat ze respectievelijk ten noorden en ten zuiden liggen van de rivier met dezelfde naam. Deze administratieve herstructurering vindt zijn oorsprong in het decentralisatiefenomeen dat van start ging tijdens de Eerste Republiek (1960-1965), toen talrijke grensconflicten uitbarstten in de Evenaarsprovincie. De Ngbandi territoria werden op die manier verscheurd tussen de ‘nieuwe’ provincies of werden zelfs betwist door bepaalde volkeren die zich het lokale leiderschap toe-eigenden.

Het district Sud-Ubangi ligt verscholen in het Congolese grensgebied, in een bocht van de
Ubangi-rivier en zijn bevolking barst van vitaliteit in een noordwestelijk regio die, voor de rest, een lage bevolkingsgraad kent. De regio kent evenwel een ongelijke bevolkingsgraad: de streken met Ngbaka overheersing vertonen sterke bevolkingsconcentraties, met een afnemende densiteit vanaf Gemena naar het westen en het noorden toe, terwijl zich in het savannegebied in het noorden van het Libenge-territorium en in de moerasgronden van de Ngiri ten zuiden van het Kungu-territorium uitgestrekte onbewoonde gebieden bevinden. 

Sud-Ubangi beperkt zich niet enkel tot de Ngbaka. Meer bepaald in het zuidelijk deel wonen verschillende gemeenschappen naast elkaar: Ngbandi, Ngombe, Mbandja (of Banza), Bambenga (pygmeeën) en groepen waar vaag wordt naar verwezen als ‘Watermensen’ of ‘Moerasmensen’ of ‘Inwoners van Ngiri’. Hiermee duidt men op de volkeren
die hoofdzakelijk de moerasachtige regio tussen de Ubangi en de Congostroom bevolken. Onder hen bevinden zich met name de Libinza, de Bamwe, de Bomboma en de Lobala. Laatsgenoemde twee groepen waren direct betrokken in het zogenaamde ‘Enyele’ conflict. 

De vaste inwoners krijgen ook nog het gezelschap van naburige buitenlandse handelaars die afkomen op de unieke ligging van het district. Door de nabijheid van
Bangui ligt Sud-Ubangi immers in een zuidelijke handelscorridor die zich oost-west uitstrekt van Ituri tot Ubangi (Butembo, Beni, Lisala, enz.). Handelslieden uit Nande, Soedan, Centraal-Afrika, Tjaad, enz. concentreren zich rond het zenuwcentrum van Gemena en de grensstad Zongo. Zij zorgen voor de export van landbouwproducten
in de regio in ruil voor afgewerkte goederen uit de CAR (detergenten, cosmetica, enz.) of uit Oost-Afrika (motorfietsen, vrachtwagens, enz.).
 


 

Cover La dynamique des masques

La dynamique des masques en Afrique occidentale Dynamics of masks in West Africa

door Anne-Marie Bouttiaux (ed.)
 

Reeks: “Studies in Social Sciences and Humanities”, n° 176

Beschikbaar in het Engels en het Frans

216 p.
Verkoopprijs: 45,00 €

ISBN : 978-9-4916-1509-2


De dynamiek van maskers wordt duidelijk wanneer ze tot leven komen en actief zijn in hun natuurlijk milieu, in tegenstelling tot het dodelijk statische keurslijf dat hen door de museumomgeving wordt opgedrongen. Gedragen door een menselijk wezen, dat hen energie inblaast, worden deze maskers omgetoverd tot enorme krachten, waarvan de gemeenschap die ze ‘ten tonele voert’ veel weldaden verwacht en wiens toorn ze vrezen.
In West-Afrika worden ze nog dagelijks bovengehaald door talrijke bevolkingsgroepen; enkele specifieke gevallen worden geanalyseerd in dit werk.
 


Adventures of an American Traveller in Turkey

Adventures of an American Traveller in Turkey by Henry Morton Stanley

door M. Leduc-Grimaldi (KMMA) & J.L. Newman (eds)

Reeks: “Studies in Social Sciences and Humanities”, nr. 177

Beschikbaar in het Engels
Voorwoord : M. Wynants
144 p.
Verkoopprijs: 35,00 €

ISBN : 978-9-0747-5299-2

Dit is het eerste volume van een serie gebaseerd op de Henry M. Stanley Archives, die bewaard worden in het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika. Het gaat over de reis naar Turkije die Stanley in 1866 maakte met zijn twee reisgezellen, een reis waarbij ze achtervolgd en uiteindelijk gevangengenomen werden. Het werk bestaat grotendeels uit de transcriptie van een manuscript dat hij een jaar later schreef en dat uit handen van het publiek werd gehouden vanwege de zeer broze staat van conservering. Gedetailleerde aantekeningen en een uitgebreide index werden toegevoegd voor de onderzoekers die geïnteresseerd zijn in zowel Stanley als het Turkije van die tijd. Het volume bevat eveneens relevante transcripties van andere documenten in de archieven evenals verschillende brieven over wat de drie jonge mannen hebben meegemaakt.

De auteurs
James L. Newman is professor emeritus in de geografie aan de Maxwell School van Syracuse University (Syracuse, NY). Zijn leven lang heeft hij Afrika bestudeerd. Newman is auteur van Imperial Footprints: Henry Morton Stanley’s African Journeys (Brasseys/Potomac, 2004), vertaald in het Frans als Stanley Entre Couronne et Empire (Luc Pire, 2006) en in het Nederlands als Stanley Ontdekkingsreiziger in Afrika (Lannoo, 2006), dankzij de royale steun van de Koning Boudewijnstichting.

Mathilde Leduc-Grimaldi, Fellow of the Royal Geographical Society, is sinds 2006 verantwoordelijk voor de Henry M. Stanley Archives, die het Koninklijk Museum Midden-Afrika in bewaring houdt voor de Koning Boudewijnstichting. Ze was commissaris van de tentoonstellingen Images from Africa: Mr Stanley, I presume (catalogus gepubliceerd door de Koning Boudewijnstichting, 2007) en Dr. Livingstone, I presume? (2013).

 


 

cover les chants du grelot

Les chants du grelot et de l'arc au pays des esprits chasseurs
Chants et poésie de chasse au Rwanda

door Jean-Baptiste NKULIKIYINKA (KMMA)

Reeks: “Studies in Social Sciences and Humanities”, nr. 175
Beschikbaar in het Frans

Voorwoord: D. de Lame en Y. Bastin (KMMA)
778 p.
Verkoopprijs: 45,00 €

ISBN : 978-9-4916-1510-8


Dit omvangrijk werk is in de eerste plaats een degelijke, gedetailleerde studie over de gezangen bij de jacht zoals die traditioneel beoefend werd in Rwanda door de drie bevolkingsgroepen van het land: de Twa, de Hutu’s en de Tutsi’s.
De jacht met de boog vond vooral plaats in de wouden en de savannes van het oosten terwijl de jacht met de jachthonden, de ‘jacht met het rinkelbelletje’, zich vooral afspeelde in de moerassen, de rivieren en de valleien verspreid over de rest van het land. De auteur heeft het o.a. over de socioculturele context, de geschiedenis, de inhoud en muziekinstrumenten gerelateerd aan deze jachtvarianten.

Het tweede deel van het boek is een verzameling originele gezangen, die omgezet zijn naar het Rwandees, en hun vertaling naar het Frans. Als echte jachtliteratuur, roepen ze de wereld van het bos op, opgejaagd wild, krachttoeren van jagers en hun honden, de inspanningen die deze mannen zich getroosten tijdens hun expedities.
Deze bloemlezing is voorzien van een gedetailleerd kritisch apparaat waardoor men betekenis, toespelingen en andere eigenaardigheden van deze teksten kan begrijpen. Het taalgebruik is immers vaak vreemd, grotendeels cryptisch en bij momenten ontoegankelijk, met woordspelingen en spitsvondigheden.

De publicatie bevat op het einde een catalogus met alle opnamen die bewaard zijn in het Museum van Tervuren nadat ze op het terrein verzameld zijn. Men vindt er het nummer waar de geluidsdrager geklasseerd is, de categorie van het gezang en de vertaling ervan, de streek in Rwanda waar het lied is opgenomen, de bevolkingsgroep waartoe de jager behoort of de groep jagers die men heeft opgenomen, de auteur van de opname of de zending tijdens welke deze gebeurd is.

Zie ook: Muziekcd Les chants du grelot et de l'arc (De liederen van de rinkelbelletjes en de muziekboog) door Jean-Baptiste Nkulikiyinka
 


Cover algemeen Rijksarchief en Kmma

Acta van het internationale Colloquium 'Archief Afrika Europa. Noden? Samenwerking? Toekomst? De Democratische Republiek Congo (DRC), Rwanda, Burundi en België'  georganiseerd door het Algemeen Rijksarchief en het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (15-17/12/2010)

door Pierre-Alain Tallier & Sabine Bompuku Eyenga-Cornelis (eds)

Co-editie: Algemeen Rijksarchief in partnerschap met het KMMA
Reeks ARA : « Studia», nr. 138

Meertalig: Frans, Engels en Nederlands
338 p.
Verkoopprijs: 19,00 €

ISBN : 978-90-5746-593-2


Het archiefpatrimonium is essentieel om de hervormingen en moderniseringen gemakkelijker te kunnen doorvoeren in verschillende staatssectoren en onderdelen van de samenleving in de DRC, Burundi, Rwanda en België. De archieven van de vroegere koloniale metropolen zijn daarenboven vaak cruciaal voor verwantschappen, bewijzen, migraties, grenzen, bronnenbeheer of gegevens voor internationaal onderzoek.
Het is belangrijk om aan de vragen van de samenleving in dit verband te kunnen voldoen, of die nu komen uit de academische wereld, het verenigingsleven, het maatschappelijke middenveld of van de staat. In enkele Europese landen kunnen we modellen terugvinden voor goed bestuur/beheer en bevordering van de toegang tot de archieven. Het is daarnaast ook van belang de behoeften van de DRC, Burundi en Rwanda in kaart te brengen en te luisteren naar en voldoen aan de verwachtingen van die landen wat betreft het onderzoek, de toegang tot en beheer van archieven en wederzijdse capaciteitsversterking.


cover La Saga d’Inga

La saga d’Inga.
L’histoire des barrages du fleuve Congo

door François MISSER 

Reeks " Cahiers africains" n° 83 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L’Harmattan/KMMA

Beschikbaar in het Frans
ISBN : 978-2-343-00639-0

224 p.
Verkoopprijs: 24,00 €


 “De hydro-elektrische stuwdam van Inga (DR Congo) is de hoeksteen van deze intersectorale studie, waarvan François Misser logischerwijze de auteur is. Er zijn immers slechts weinig experten die op een even sublieme wijze de complexe relaties tussen de geostrategische sectoren in Congo kunnen vatten. Met zijn diepgaande kennis van de hernieuwbare en niet-hernieuwbare rijkdommen van het land weet hij een goed leesbaar werk af te leveren dat zowel ontwikkelingsexperten en schenkers als een breder publiek, geïnteresseerd in de onvoorziene wendingen en lotgevallen in de ontwikkelingssaga van Congo, zullen appreciëren. De stijl van dit boek – resultaat van een nauwgezet onderzoek dat zich baseert op de vakliteratuur en interviews door de auteur – is die van een voortreffelijk journalist die meer dan dertig jaar over deze dossiers geschreven heeft.

Een verbeterd beheer van de energie, de bossen, landbouw en van de strategieën om armoede te bestrijden, de macro-economische ontwikkeling en zelfs de buitenlandse betrekkingen van Congo zijn onlosmakelijk verbonden met de hydro-elektrische kracht van Inga. Inga is niet alleen van lokaal belang maar is ook een belangrijke speler op internationaal vlak vanwege zijn strijd tegen de gevolgen van de klimaatsverandering.

Alles is prioritair in de pogingen om de Congolese Staat weer op te bouwen en zijn soevereiniteit over zijn natuurlijk erfgoed te herstellen. F. Misser pleit op een overtuigende manier voor een belangrijke investering in Inga. Zonder deze steun zal de ontwikkeling op nationaal en regionaal niveau ernstige hinder ondervinden. De auteur maakt als het ware een financiële audit van de situatie en heeft hierbij ook oog voor de sociale implicaties van de ontwikkeling van Inga. 

Afrika is het continent van de 21ste eeuw. F. Misser wijst met nadruk op het feit dat Inga het potentieel in zich heeft om Congo in te lijven bij de reeks Afrikaanse landen die in volle groei en ontwikkeling zijn. Het potentieel is er zeker maar de boodschap van dit boek is duidelijk: Inga omvormen tot locomotief van de verandering is een politieke uitdaging. Het echte debat draait niet om technische of financiële aspecten maar heeft ook te maken met goed bestuur.” (Theodore Trefon, Voorwoord)

François MISSER is een journalist en onderzoeker die zich sinds ongeveer dertig jaar richt op Midden-Afrika, meer bepaald op de thematiek van de natuurlijke rijkdommen en hoe deze gelinkt zijn aan macht en energievraagstukken.

cover-cahier africain 82

Conjonctures congolaises 2012.
Politique, secteur minier et gestion des ressources naturelles en RD Congo

door Stefaan Marysse en Jean Omasombo
 

Reeks " Cahiers africains" n° 82 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L’Harmattan/KMMA

Beschikbaar in het Frans
ISBN : 978-2-343-00465-5

320 p.
Verkoopprijs: 33,50 €


2012, het eerste jaar van een nieuwe legislatuur die, op het vlak van de politiek en de publieke veiligheid, heel bewogen is verlopen. In fel omstreden verkiezingen kwam de president als overwinnaar uit de bus. Noch de interne oppositie noch de internationale gemeenschap hebben echter de resultaten kunnen of willen aankaarten. De oppositie, van haar kant, is namelijk zwak, verdeeld en incoherent. De internationale gemeenschap was waarschijnlijk van mening dat, door de afwezigheid van een geloofwaardige politieke oplossing, haar functie als drukkingsgroep de openbare veiligheid in gevaar zou brengen. Daarbij komt nog dat zij niet langer de middelen heeft om haar standpunten door te drukken. De regering, die op basis van de verkiezingen is samengesteld, heeft de 'zwaargewichten' uit het verleden geweerd en bestaat nu uit een zeker aantal technocraten en minder bekende personaliteiten. Het premierschap en de ambten in het ministerie van Economie werden toevertrouwd aan personen die in staat waren de internationale financiële instellingen voor zich te winnen. Dit heeft het IMF er echter niet kunnen van weerhouden de financiële hulp stop te zetten vanwege de geringe transparantie in de transacties met betrekking tot het mijnbezit, een domein dat in laatste instantie altijd door de presidentiële kringen gecontroleerd wordt. Als men dan al wat vooruitgang heeft geboekt op het economische vlak, dan is dit helemaal niet het geval voor de publieke veiligheid in het oosten van het land. Geconfronteerd met nieuwe verdeeldheden, hebben de regering en het leger eens te meer hun onmacht getoond.

De wankele situatie op politiek vlak en met betrekking tot de openbare veiligheid maskeert en schaadt evolutietrends, die, in bepaalde omstandigheden, een keerpunt zouden kunnen betekenen in de wederopbouw van de Staat en het herstel van het land. Het is hierdoor dat  het grootste deel  dit werk zich thematisch toespitst op  het beheer van de natuurlijke rijkdommen in de sectoren van de mijnen, de kookwaterstoffen en het woud. De mijnsector kent een spectaculaire ontwikkeling in Katanga, vooral vanwege de tussenkomst van buitenlandse bedrijven die veel kapitaal aanwenden en weinig arbeidskrachten. Het oosten van het land wordt gekenmerkt door artisanale exploitatie die, vanwege de onzekere publieke veiligheid, zwaar verstoord is. In de sector van de koolwaterstoffen is de werkgelegenheid het laagst maar het is wel de grootste bron van inkomsten voor de Staat. Het is het beheer van het tropische woud dat het minste vooruitgang boekt en het meeste schade aanricht. De zwakke plek van de Congolese politieke economie blijft de kwaliteit in het beheer. Zal de regering in staat zijn deze uitdaging aan te gaan?

 

 


cover-paternalisme.jpg

Le paternalisme en question.
Les anciens ouvriers de la Gécamines
face à la libéralisation du secteur minier katangais (RD Congo)

door Benjamin Rubbers

Reeks" Cahiers africains" nr. 81 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L’Harmattan / KMMA

Beschikbaar in het Frans
ISBN: 978-2-343-00238-5

320 p.
Verkoopprijs: 33 €

 


In 1926 legt de Union minière du Haut-Katanga de basis van haar paternalistisch beleid, dat gedurende meer dan een halve eeuw alle aspecten uit het dagelijks leven van haar werknemers zal beïnvloeden. In 2003 worden, na 10 jaar onlusten, 10 000 medewerkers ontslagen in het kader van het door de Wereldbank opgezette liberaliseringsproject van de mijnsector. Wat was hun reactie op het feit dat de onderneming hen in de steek liet? Hoe gingen zij om met hun nieuwe status van zelfstandigheid?  Welke gevolgen had de achteruitgang in hun levensomstandigheden en nadien hun afscheid van de onderneming op hun relaties met echtgenote, kinderen en omgeving?
Dit boek, gebaseerd op een etnografische studie in een arbeiderskamp in Likasi (Katanga, Democratische Republiek Congo), zoekt met aandrang naar een antwoord op deze vragen, met een analysekader geïnspireerd op M. Foucault ter ondersteuning. Via deze benaderingswijze kan de auteur doorheen het boek een breder beeld schetsen van de ervaringen die men heeft opgedaan met het paternalisme in de nieuwe, door de Wereldbank opgelegde, economische orde in deze Afrikaanse regio.

Benjamin Rubbers is, als doctor in de antropologie van de Université libre de Bruxelles en de École des Hautes Études en Sciences sociales, docent aan de Université de Liège en lector aan de Université libre de Bruxelles. Sinds 1999 doet hij onderzoek over de economische en politieke veranderingen in het mijnbekken van Katanga (DR Congo).
Zijn recentste werk, Faire fortune en Afrique. Anthropologie des derniers colons du Katanga (Rijk worden in Afrika. Antropologie van de laatste kolonisten van Katanga), is verschenen in de reeks 'Les Afriques' bij Karthala.


cover_koldekol_fr.jpg

Congo : kolonisatie/dekolonisatie.
De geschiedenis in documenten



Uitgave: KMMA

ISBN: 978-9-0817-9407-7
100 p. + 1 DVD
Verkoopprijs: 26 €

(beschikbaar vanaf 30/01/2013)


Deze publicatie is het resultaat van een nauwe samenwerking tussen de dienst Educatie en Cultuur en wetenschappers van de afdelingen Geschiedenis van de Koloniale Tijd en Eigentijdse Geschiedenis van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika. Het concept van dit werk kwam tot stand in overleg met pedagogische begeleiders van verschillende onderwijsnetten. Het doel ervan was optimaal tegemoet te komen aan de noden en de eindtermen binnen de scholen.
De bedoeling van het pedagogische boek en de bijhorende dvd-rom is een genuanceerd beeld te geven van de kolonisatie en de dekolonisatie van Congo via het geheel van de aangeboden documenten, waarin verschillende standpunten aan bod komen die door historici in een bepaalde context worden geplaatst. Deze publicatie helpt de leerlingen om een kritische geest te ontwikkelen en om de vereiste competenties en eindtermen voor het vak geschiedenis te verwerven. Wij willen echter opmerken dat het grootste deel van het archiefmateriaal uit de koloniale periode geproduceerd en samengesteld werd door Europeanen, terwijl de historische bronnen vanuit Afrikaanse hoek veel zeldzamer zijn.
Toch hebben we ook deze laatste in de mate van het mogelijke toegevoegd om een vernieuwd evenwicht te brengen in de beschouwingen en standpunten. We hebben ernaar gestreefd een totaalbeeld van deze periode te geven en hebben hiervoor onder andere een beroep gedaan op onze Congolese collega’s. Dit neemt echter niet weg dat het om een Belgische publicatie gaat. Indien dit werk in Congo was gemaakt, zouden er andere historische elementen belicht zijn en zou het een andere kijk op de kolonisatie getoond hebben. Rekening houdend met de diversiteit van de onderwijsnetten en studierichtingen opteerden we niet voor een strakke handleiding maar biedt het dossier eerder een waaier aan documenten waaruit de leerkracht kan putten om de lessen uit te werken.

 


cover-decentralisation.jpg

La Décentralisation. De la Première à la Troisième République
(RD Congo)
door Paule BOUVIER
(onder leiding van Jean Omasombo)
Speciaal nummer vol. 1  van de reeks 'Monographies des provinces de la République démocratique du Congo'

In samenwerking met KMMA (Tervuren), Le Cri Edition (Brussel), Buku Editions (Kinshasa)

Tekst in het Frans
ISBN : 978-2-8710-6618-7
368 p.
Verkoopprijs: 29 €

 

Sinds 2008 loopt bij het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (KMMA) een onderzoeksprogramma over de Congolese decentralisatie.  Het onderzoek wordt uitgevoerd in samenwerking met het Centre d’Etudes politiques (CEP) in Kinshasa en het Centre d’études et de recherches documentaires sur l’Afrique centrale (CERDAC), met de steun van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking.
Het bestaat uit 2 complementaire luiken: langs de ene kant de studie van de toekomstige provincies, langs de andere een analyse van het decentralisatieproces.

De resultaten van het eerste luik zijn te vinden in de monografieën, waarvan drie (Maniema, Haut-Uele en Kwango) nu al gepubliceerd zijn. Men heeft al een grote vooruitgang geboekt in de dataverzameling in de verschillende provincies en de onderzoekers van het KMMA, het CEP en het CERDAC hebben zich volledig in het project kunnen inwerken door de ervaring die ze hebben opgedaan bij de eerste monografieën.

De Decentralisatie in de DRC: van de Eerste naar de Derde Republiek (1960-2011) is de titel van deze publicatie, die het tweede luik inluidt. Een tweede deel, waarvan de publicatie voorzien is voor 2013, zal de bijdragen bijeenbrengen van een tiental experts, wereldwijd geselecteerd  door het KMMA voor hun reputatie en hun onderzoeksdomein. Elke auteur werd gevraagd een thema te behandelen met betrekking tot de Congolese decentralisatie. Op die manier vindt men in het werk stevig onderbouwde besprekingen over thema’s als ‘governmentality’ en het ambtenarenapparaat, grenzen, geografie en ruimtelijke ordening, economie en financiën, burgerschap en human resources … Het zijn allen onderwerpen die hun nut hebben bij een goed geïnformeerde en kritische interpretatie van het politieke proces dat aan de gang is. Men heeft immers ter plekke ambiguïteiten en een afwachtende houding vastgesteld, die niet direct helpen om een duidelijk beeld te krijgen over de decentralisatie.
De originaliteit van dit eerste boek, geschreven door Paule Bouvier, is te vinden in het feite dat de auteur de weg beschrijft die het decentralisatieproces gevolgd heeft als een institutionele component van de Congolese staat van de onafhankelijkheid tot nu, met zowel sterke tijden als periodes van ostracisme. Zoals zovele andere gebeurtenissen in het Congolese verleden zijn bepaalde sleutelmomenten in de decentralisatie in de officiële doofpot beland.

De kennis die de auteur Paule Bouvier heeft opgebouwd met betrekking tot de Afrikaanse en in het bijzonder de Congolese politiek, stamt uit haar academisch onderzoek, gekoppeld aan haar ervaringen op het terrein.
 

 


cover-kwango.jpg

Kwango. Le pays des Bana Lunda
onder leiding van Jean Omasombo (KMMA)

Co-editie: KMMA (Tervuren), Le Cri Edition (Brussel), Buku Editions (Kinshasa)
Beschikbaar in het Frans
ISBN: 978-2-8710-6605-7
456 p.
Verkoopprijs: 29€
 


Het is in 1890 dat de Kwango-regio ingelijfd werd bij de Congo Vrijstaat en het 12e district werd. Het tracé van de grens met het Portugese Angola, beetje bij beetje tot stand gekomen door een reeks bilaterale akkoorden, doorkruist de vroegere regio’s van de Kongo-, Lunda-, Yaka- en Chokwe-koninkrijken. Deze vormen een geheel door hun culturele, historische en commerciële banden.

Dit boek wil de kennis over het huidige Kwango-district analyseren en in kaart brengen, zowel wat betreft de natuurlijke rijkdommen als de menswetenschappen, met aandacht voor de rijkdom en de complexiteit van deze verschillende dimensies. 


lives-vol174.jpg

Lives in motion, indeed.
Interdisciplinary perspectives on Social Change in Honour of Danielle de Lame
door Cristiana Panella (ed.)

Serie 'Studies in Social Sciences and Humanities' vol. 174
Teksten in Engels of Frans
ISBN : 978-9-4916-1500-9
376 p.
verkoopprijs: 37€

 



Danielle de Lame (afdeling Sociale Antropologie) heeft in haar onderzoek altijd een werkhouding nagestreefd waarbij ze de contradicties en fragmentering van het dagelijkse leven ontcijfert, evenals de verhoudingen tussen ‘hoog’ en ‘laag’, de weergave van het Zelf en zijn verhouding tot de objecten, en de creatie van en het omgaan met verschillen en hiërarchieën – kortom, alles wat sociale verandering teweegbrengt.

In dit interdisciplinaire volume vinden we, via verschillende tijd-ruimtelijke benaderingen, een weerspiegeling van voornoemde thema’s. Men onderzoekt eveneens de aspecten die telkens opnieuw opduiken in het sociale en menswetenschappelijke debat: de ‘on-gedisciplineerdheid’ en vergelijking als methodologische instrumenten, de rol van de onderzoeker ten opzichte van macht, de weergave van de ‘waarheid’. Het werk is een eerbetoon aan de intellectuele integriteit, de wetenschappelijke nauwkeurigheid en innoverende denkpistes van Danielle de Lame.


africanjunctions2.jpg Interface empiriques de la mondialisation.
African junctions under the neoliberal development paradigm.

door Danielle de Lame & Jacinthe Mazochetti (dir.)

Reeks 'Studies in Social Sciences and Humanities' vol. 173
Teksten in Engels of Frans
ISBN : 978-9-0817-9409-1
352 p.
verkoopprijs: 36 €

 



Binnen de invloedssfeer van de l’Association euro-africaine pour l’Anthropologie du Changement social et du Développement (APAD), omvat dit boek, dat een pleidooi is voor rigoureuze ‘subalterne’ studies, met zijn ‘bottom-up” benadering, alle overlappende niveaus in het traject ‘naar boven toe’.
Het geeft een aanzet tot een analyse van de lokale antwoorden op de neoliberale geboden van globalisering en op de implementatie ervan. Tegelijkertijd stelt het, bij wijze van empirisch onderzoek, vergelijkbare problematieken voor die de specifieke situaties overstijgen. Doorheen de verschillende hoofdstukken, zien we de kloof tussen enerzijds de ‘vraag naar de Staat’ langs de ene kant, die aan de basis ligt van de onderdrukking van volkeren en, anderzijds, de terugtrekking uit die Staat, waarop de gedragspatronen van de internationale instellingen verankerd zijn.

 


conjonctures-jun12.jpg Conjonctures congolaises.
Chroniques et analyses de la RD Congo en 2011
door Stefaan Marysse & Jean Omasombo (ed.)
 
Reeks " Cahiers africains" nr. 80 (issn : 1021-9994)
Co-editie: L'Harmattan (Paris) / KMMA
Beschikbaar in het Frans

ISBN : 978-2-296-97034-2
272 p.
Verkoopprijs: 28,5€

 

 
2011, het 5e jaar van de Derde Congolese Republiek, kondigde zich aan als een jaar van cruciaal belang. Het was immers het jaar waarin de ambtstermijnen voor het presidentschap en voor het nationale parlement afliepen en bijgevolg hernieuwd moesten worden. De verkiezingen van 2006 konden als algemeen geloofwaardig worden beschouwd. Het was bijgevolg een politieke uitdaging te bevestigen dat het land aan een democratiseringsproces was begonnen. Men kan over het onderwerp nog niet echt een eindverdict uitspreken, maar men erkent unaniem dat de enige verdienste van de verkiezingen van 2011 juist lag in het feit dát ze plaatsvonden: hun resultaten werden in hoge mate betwist en ze hebben geleid tot nieuwe en ernstige politieke onzekerheden.

Dit werk heeft niet de ambitie een systematisch jaaroverzicht aan te bieden maar bekijkt de huidige situatie in de DRC vanuit verschillende invalshoeken en opent hierover een brede vraagstelling.

Het boek vangt aan met twee artikels gewijd aan de politieke evoluties van het jaar, in het bijzonder de organisatie van de verkiezingen.

Verschillende artikels vormen nadien een « tussentijdse balans » van de fundamentele aspecten in de economische en sociale ontwikkelingen van het land en zijn buitenlandse betrekkingen. Deze verslagen – of het nu gaat om schuldverlichting, hervorming van de mijnsector of investeringen in elektriciteit en infrastructuur, tonen hoe breekbaar het land nog is in zijn heropbouw en – bovenal – hoe inefficiënt in zijn armoedebestrijding.

Er zijn dossiers gewijd aan specifieke thema’s: de complexe en gespannen – en tegelijkertijd cruciale – relaties met buurland Angola, de verschillende broeihaarden van gewapend geweld die verder smeulen of ontstoken zijn in de ‘naoorlogse’ periode volgend op de vredesakkoorden van 2003.

Het boek omvat, ten slotte, kritische analyses van belangrijke recente werken, die een interpretatie geven van de Congolese werkelijkheid.
 

 pub-kinshasa-cahiersafricains    

Kinshasa, enracinements historiques et horizons culturels
door L. de Saint Moulin

Reeks "Cahiers africains", n° 79 (issn: 1021-9994)
Co-editie: L'Harmattan (Paris) / KMMA
Beschikbaar in het Frans
ISBN: 978-2-296-96924-9
364 p
Verkoopprijs: 37,50 euro

Deze studie spreekt aan door de ambitie om enerzijds de diepe verankering te tonen van Kinshasa’s geschiedenis in het prekoloniale en koloniale verleden, en anderzijds de horizonten van de sociale perceptie en de waarden van de bevolking die deze geschiedenis heeft meegemaakt. Hoogtepunt uit het werk is het opzet om een totaalbeeld van de mens en de maatschappij naar voren te schuiven, een totaalbeeld dat vroeger vaak over het hoofd werd gezien. De analyses zijn gebaseerd op veldwerk en werpen een licht op de ervaringen en indrukken in het sociale universum van de Congolese hoofdstad. Het werk is een referentie voor al wie deze bruisende, inventieve en weerbarstige stad beter wil begrijpen om de logica, de rationaliteit en de waarden waarop Kinshasa gebouwd is, te doorgronden.
In dit werk wordt een bezoek gebracht aan de oude dorpen van Kinshasa en de sporen die ze in het collectieve geheugen hebben nagelaten. Dankzij de geduldig neergeschreven sociografie van de stad en haar wijken, begrijpt de lezer de bekommernissen van haar inwoners beter: democratie, justitie, opvoeding, water en elektriciteit … De studie leert ons de etnische problemen te relativeren evenals de misleidende indrukken van het verval van een, min of meer denkbeeldig, gouden tijdperk die maar al te vaak het discours over de DRC kenmerken.


 

pub-oiseaux-du-katanga-dec11

Birds of Katanga - Oiseaux du Katanga
door Michel Louette & Michel Hasson

Serie "Studies in Afrotropical Zoology"
Beschikbaar in het Engels en in het Frans
Franstalige versie: n° 296 ISBN 978-9-0817-9400-8
Engelstalige versie: n° 297 ISBN 978-9-0817-9401-5
Verkoopprijs: 65 euro

 

Dit is het eerste geïllustreerde boek over de vogels van Katanga. Het verscheen in de reeks ‘Studies in Afrotropical Zoology’, uitgegeven door het museum. Het geeft de status van alle vogelsoorten van Katanga (693 soorten). Dit resultaat kwam tot stand kwam dankzij langdurig onderzoek, onder meer in de collecties van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika.
Katanga telt vijf endemische vogels: de Upemba-Grondlijster in het Nationaal Park van Upemba, de Marungu-Honingzuiger in de Marungu-bergen, de Upemba-Wever (bij de Lualaba-rivier), de Lufira-Wever (langs de Lufira-rivier) en de Zwartmaskerastrilde (bij de Lualaba-rivier).
De verspreiding, de aanwezigheid en status in Katanga, de ecologie, het broeden en de trek, bijzonderheden en de beschermingsstatus worden nader besproken voor 248 soorten, die in kleur geïllustreerd zijn. 25 foto’s illustreren de diversiteit van de habitats.
Uit het feit dat de foto’s voor dit boek in slechts drie jaar door een klein team werden gemaakt kan men concluderen dat de ornithologische diversiteit in Katanga nog relatief goed bewaard is gebleven. 
 


 

pub-Haut-Uele_dec11 

Haut-Uele. Trésor touristique
Ed: Jean Omasombo (KMMA)
Co-editie KMMA, Le Cri Edition (Brussel), Afrique Editions (Kinshasa)
 
Volume n° 2 in de reeks «Monographies des provinces de la République démocratique du Congo»
Beschikbaar in het Frans
440 p.
ISBN  978-2-8710-6578-4
Verkoopprijs: 29 euro

De grondwet van de DR Congo, op 18 en 19 december 2005 via referendum aangenomen en op 18 februari 2006 door de president van de republiek Joseph Kabila afgekondigd, stelt dat het principe van de decentralisatie een bouwsteen is van de institutionele architectuur van het land, in de context van een eenheidsstaat. De provincies van de DR Congo worden uitgebreid van de 11 die in 1988 werden opgericht, naar 25 plus de stad Kinshasa.

Dankzij een project dat werd opgestart door het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika en de steun krijgt van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking en het Federaal Wetenschapsbeleid wordt er nu gewerkt aan de monografieën van de provincies. Het doel is om eerst elke provincie die door een politiek besluit erkend is, goed te identificeren, om dan per provincie grondige kennis op te bouwen met de ambitie (politieke, economische, geografische, taalkundige, sociale…) basisgegevens te leveren die een beleid van ruimtelijke ordening en regionale planning bevorderen.

De monografie van Haut-Uele is de tweede in deze reeks.

De beelden die we voor de geest halen als men het over Haut-Uele heeft, zijn eerst en vooral die van de beroemde bevolkingsgroepen zoals de Mangbetu, de Azande, de Logo, de Budu, de Mayogo … met een rijkdom en culturele diversiteit waarvan hun veroveraars, zowel de Arabieren als de Europeanen, versteld stonden.

Met dit werk willen de auteurs niet alleen deze bevolkingsgroepen voorstellen, maar ook een algemeen overzicht geven van de geografische situatie, het reliëf, de geologie, de hydrografie, de fauna, de flora en de demografie van Haut-Uele, en maken ze een grondige analyse van de historische, culturele, administratief politieke, economische en toeristische evolutie.
 


   

fishes_zimbabwe 

The Fishes of Zimbabwe and their Biology
Door Brian Marshall
 
Beschikbaar in het Engels
294 p. met tekeningen en kaarten in kleur
ISBN 978-0-620-47535-8
Verkoopprijs: 40 euro

South African Institute for Aquatic Biodiversity (SAIAB) in samenwerking met KMMA

The Fishes of Zimbabwe covers all 158 species known to occur in Zimbabwe, these are illustrated and their distributions mapped. There are numerous graphs and tables pertaining to the biology of species.  This scientific book is published with the support of the Royal Museum for Central Africa, which is involved in the major publications about African fishes. Contents are related to RMCA’s Ichthyology’s researches and collections.


pub-maniema_may11 

Maniema. Espace et vies
Ed: Jean Omasombo (RMCA)
Co-editie KMMA, Le Cri Edition (Brussel), Afrique Editions (Kinshasa)
 
Volume n° 1 in the series «Monographies des provinces de la République démocratique du Congo»
Available in French
304 p.
ISBN : 978-2-8710-6562-3
Verkoopprijs: 29 euro

De grondwet van de DR Congo, op 18 en 19 december 2005 via referendum aangenomen en op 18 februari 2006 door de president van de republiek Joseph Kabila afgekondigd, stelt dat het principe van de decentralisatie een bouwsteen is van de institutionele architectuur van het land, in de context van een eenheidsstaat. De provincies van de DR Congo worden uitgebreid van de 11 die in 1988 werden opgericht, naar 25 plus de stad Kinshasa.

Dankzij een project dat werd opgestart door het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika en de steun krijgt van de Belgische Ontwikkelingssamenwerking en het Federaal Wetenschapsbeleid wordt er nu gewerkt aan de monografieën van de provincies. Het doel is om eerst elke provincie die door een politiek besluit erkend is, goed te identificeren, om dan per provincie grondige kennis op te bouwen met de ambitie (politieke, economische, geografische, taalkundige, sociale …) basisgegevens te leveren die een beleid van ruimtelijke ordening en regionale planning bevorderen.

Deze monografie van Maniema is dus een eerste publicatie in een nieuwe collectie over alle provincies die in de grondwet van de DR Congo zijn uitgeroepen.

Het was in 1988 dat Maniema, tot aan het Kivu-district, een provincie werd. Samen met twee andere districten uit het oude Kivu, bekleedde het sindsdien dezelfde rang als de Oostprovincie, de Evenaarsprovincie en Katanga.
 


 

museumdwellers

Museum Dwellers
Door Jo Van de Vijver
 
Tweetalig fotoboek
28 p.
ISBN: 978-9-0817-9403-9
Verkoopprijs: 9.50 euro

Dit fotoboek hoort bij de tentoonstelling Museum Dwellers van Jo van de Vijver (fotograaf van het KMMA) die van 22 september 2011 tot 31 augustus 2012 te zien is in de cafetaria en de Okapi-zaal in het kader van UNCENSORED.


 

cover_politiquessanté.jpg
Politiques de santé et contrôle social au Rwanda
1920-1940
co-editie Karthala (Parijs)  / KMMA
Auteur: Anne Cornet
 
Beschikbaar in het Frans
480 p.+ katern in kleur
ISBN: 78-2-8111-0485-6
Verkoopprijs: 32 euro

De geschiedenis van Rwanda in het interbellum is vrij onbekend, de aandacht van de onderzoekers ging immers vaak uit naar andere periodes. Nochtans was het in die periode dat er een reeks administratief politieke, landbouw-, sociale of gezondheidsmaatregelen werden vastgelegd die in dit stuk Midden-Afrika sterk hun sporen hebben achtergelaten.

Dit boek gaat over het gezondheidsbeleid dat België tussen 1920 en 1940 in het land van de duizend heuvels had ingevoerd en er wordt nagegaan wat het verband is tussen het gezondheidsbeleid en de sociale controle. De auteur beschrijft de rol van de verschillende spelers van de kolonisatie (staat, katholieke en protestantse missies, privébedrijven) en analyseert hoe medische campagnes werden gebruikt als imperiaal instrument, getuigen daarvan de soms gespierde reacties van de plaatselijke bevolking. De gezondheidsinfrastructuur en het personeel, de campagnes die werden opgezet om inheemse ziektes en epidemieën te bestrijden, de rivaliteit en de frictie tussen de staat en de missies, en ten slotte de reactie van de bevolking worden in detail onder de loep genomen.

Het ‘politieke’ aspect van de gezondheidscampagnes in deze koloniale context is erg duidelijk aanwezig in de correlatie tussen het gezondheidsnetwerk en de greep op de samenleving. Zo koppelt de overheid volkstellingen aan gezondheidscampagnes, wordt de bevolking op straffe van boete of opsluiting onderworpen aan strenge verplichtingen en dreigen de Afrikaanse autoriteiten afgezet te worden als ze niet actief meewerken.
Via de invalshoek van de gezondheidszorg, werpt deze studie ook een interessant licht op een koloniale samenleving doordrongen van spanningen. Spanningen tussen de gezondheidsdiensten en de administratieve diensten, spanningen tussen persoonlijkheden, spanningen tussen de missies en de staat, verder nog spanningen tussen katholieken en protestanten, en ten slotte spanningen tussen de kolonisator en gekoloniseerden. Met andere woorden, een blanke samenleving die veel minder homogeen is dan men op het eerste gezicht zou denken tegenover een Afrikaanse maatschappij, zelf ook door diversiteit gekenmerkt.
 


 

cover_Luulu.jpg
De Luulu à Tervuren. La collection Michaux au
Musée royal de l'Afrique centrale
in de reeks ' Studies in Social Sciences and Humanities'
Auteur: Rik Ceyssens
 
Beschikbaar in het Frans
322 p. + 48 p. in kleur
ISBN: 978-9-0747-5296-1
Verkoopprijs: 45 euro


In 1919 verwerft het Museum van Belgisch Congo de Michaux-collectie, die bestaat uit 716 artefacten. Na bijna een eeuw van verschillende maatregelen om ze te bewaren, te classificeren en hoe ermee om te gaan, is het in ieder geval niet te vroeg om verslag uit te brengen over de behaalde resultaten en om enkele conclusies te trekken, hoe ‘onvoltooid en vaag’ ze ook mogen zijn.

Als we de periode daarvoor in ogenschouw nemen, is de oogst verre van verwaarloosbaar. Wij tonen hier de kolonist-verzamelaar aan het werk, die gulzig jacht maakt op exotische en toch ‘plaatselijke’ souvenirs, door in ruil iets bedrieglijks aan te bieden, maar bij gelegenheid ook ter plekke wat buit maakt in de naam van de wet van de sterkste. We zijn in het bijzonder verplicht om de artefacten te bevrijden van de ‘bedrieglijke’ omgeving van de museumvitrines, zodat zowel de boodschapper als de boodschap (die al dan niet expliciet is) in de verf wordt gezet.

Wat de inner workings van het museum betreft als wetenschappelijke instelling, hebben we ervoor gekozen om ons niet te beperken tot de geijkte geschriften van de afgelopen jaren, maar om systematisch op het documentenspoor terug te keren, verder dan de ‘aanpalende’ generatie, in de hoop het kaf van het koren te scheiden, op zoek naar verdienstelijke initiatiefnemers, waar ze ook mogen wezen.
 


 

P-dynamiquesociales.jpg
Mort et dynamiques sociales au Katanga (République démocratique du Congo)
in de reeks 'Afrika Studies', nr 78 co-editie L’Harmattan / KMMA
Auteurs: Joël Noret en Pierre Petit

Beschikbaar in het Frans
160 p.
ISBN: 978-2-296-54252-5
Verkoopprijs: 16,50 euro


In dit werk worden de begrafenisgewoontes van de Luba in het noorden van Katanga van enkele decennia geleden vergeleken met de hedendaagse begrafenissen in Lubumbashi. Doorheen de hoofdstukken wordt duidelijk waar er continuïteit is en waar zich breuklijnen vertonen tussen de landelijke gewoontes van weleer en de wijzen van de stad in het hedendaagse Katanga.

Via de evolutie van de begrafenispraktijken en de organisatie van de rouw, wordt de sociale, generationele, familiale en religieuze dynamiek in de verf gezet. De stadsbegrafenissen van vandaag lijken minder doordrenkt van het universum van de bloedverwantschap, zelfs al spelen die vandaag nog altijd een fundamentele rol, en religieuze groeperingen gaan zich steeds meer bezighouden met de sociale aspecten rond de dood. Het boek biedt de lezer een genuanceerd beeld van de nieuwe hedendaagse manieren waarop er in Congo met de dood wordt omgegaan, en werpt aan de hand van begrafenissen een originele blik op sociale verandering.

 



cahier-air
Sammy Baloji & Patrick Mudekereza en résidence au Musée Royal de l’Afrique centrale. Congo Far West. Arts, sciences et collections
(catalogus tijdelijke tentoonstelling)
Ed.: S. Cornelis & J. Lagae

Beschikbaar in het Frans
Met abstracts in het Nederlands en in het Engels
120 p.
ISBN: 978-8-8366-2024-1
Verkoopprijs: 20 euro

Silvana Editoriale (Milaan) in samenwerking met KMMA


Twee jonge kunstenaars en culturele spelers uit Lubumbashi, fotograaf Sammy Baloji en schrijver Patrick Mudekereza, werden door het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika en de universiteit van Gent uitgenodigd voor onze kunstenaarsresidentie. Tijdens hun verblijf in het museum hebben ze samen met een multidisciplinair wetenschappelijk team diverse creaties gemaakt. Ze hebben ervoor gekozen het project ‘Congo Far West’ te dopen, om te komen tot overpeinzingen en bespiegelingen over het verband tussen onze collecties en de huidige Democratische Republiek Congo. Zowel het “Cahier de la résidence” ‘als de tentoonstelling, die van 11 mei tot 4 september 2011 in het KMMA loopt, zijn het resultaat van dit experimentele, transnationale, interculturele en interdisciplinaire project.


 

catalogusfetishmodernity

Fetish Modernity
(catalogus tijdelijke tentoonstelling)
Ed.: A.M. Bouttiaux & A. Seiderer
in samenwerking met Noemi del Vecchio 

Beschikbaar in het Engels
272 p.
ISBN: 978-9-0747-5294-7
Verkoopprijs: 29 euro


Deze publicatie werd gemaakt voor de tentoonstelling Fetish Modernity. Iedereen Modern, georganiseerd in het kader van het Europese project ‘Ethnography Museums & World Cultures’. De tentoonstelling is van 8 april tot 4 september 2011 in Tervuren te zien en reist tot 2014 naar de vijf partnermusea.

Hoofdmuseum: Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (België).
Partnermusea: Musée du quai Branly (Frankrijk), Pitt Rivers Museum (Verenigd Koninkrijk), Müseum für Völkerkunde (Oostenrijk), National Museums of World Culture (Zweden), Museum Volkenkunde (Nederland), Museo de América (Spanje), Naprstek Museum of Asian, African and American Cultures (Tsjechië), National Museum of Prehistory and Ethnography ‘L.Pigorini’ (Italië), Linden-Museum Stuttgart (Duitsland).
Partners: Musée d’Ethnographie de Genève (Zwitserland), The Minneapolis Institute of Arts (VSA), Diaspora Association Plus au Sud (België), La Cambre-ISACF (België), Culture Lab (België).


 

popularsnapshots
Popular Snapshots and Tracks to the Past
CAPE TOWN, NAIROBI, LUBUMBASHI
D. de Lame en C. Rassool (eds)
in de reeks: Studies in Social Sciences and Humanities, vol.  171

Beschikbaar in het Engels
296 p.
ISBN: 978-9-0747-5279-4

Verkoopprijs: 35 euro


Flexibele, informele toe-eigeningen van individuele creaties kunnen, in combinatie met andere elementen, leiden tot strategische positionering, voorvechters bij elkaar brengen en functioneren als teken van machtsspelletjes.
Toch hebben ze in wezen niet deze functie. Eerst en vooral zijn toe-eigeningen waardevolle scheppingsdaden op zich; het zijn ‘expressieve daden’. Ze zijn dus vergelijkbaar met vele andere collectieve uitdrukkingen van samenhorigheid die het bestaan van een gemeenschap herbevestigen en aantonen dat ze in staat is wat nieuw is te assimileren en het verleden (her) op te bouwen.
In dit opzicht verschillen populaire culturele uitdrukkingen niet fundamenteel van collectieve rituelen, waar de herinnering tot leven komt en gewijzigd wordt via creatieve veranderingen die de sociale assimilatie van wat nieuw is mogelijk maken. Objecten, teksten, waardestelsels en musea zijn als momentopnamen, open voor interpretatie en klaar voor recyclage.
 


mayombe
Mayombe. Rituele Beelden uit Congo.
(catalogus tijdelijke tentoonstelling)
Ed.: J. Tollebeek (dir.), E. Van Assche, M. Derez, L. Nys, H. Vanhee, A. Verbrugge

Beschikbaar in het Nederlands, Frans en Engels
176pp.
ISBN NL: 978-9-0209-8998-4
Verkoopprijs: 35 euro

Uitgeverij Lannoo in samenwerking met KMMA


Dit boek is de catalogus bij de tentoonstelling die van 7 oktober 2010 tot 23 januari 2011 in het museum M in Leuven loopt. Mayombe. Meesters van de magie presenteert waardevolle beelden en voorwerpen uit de Congolese verzamelingen van de K.U.Leuven, de Université catholique de Louvain en het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren. Missionarissen van Scheut verzamelden 100 jaar geleden deze indrukwekkende stukken in Mayombe, een streek in Neder-Congo. Ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag van de onafhankelijkheid van Congo brengt M deze zeldzame objecten voor het eerst weer samen.


 

 

cover_kinshasaarchi.jpg  

Kinshasa. Architecture et paysage urbains
Auteurs: Bernard Toulier & Johan Lagae (dir.)
 

Beschikbaar in het Frans
128 p.
ISBN 978-2-7572-0362-0
Verkoopprijs: 25 euro

Somogy (Parijs), Arter-Boa (Brussel) in samenwerking met KMMA

 
Kinshasa. Architecture et paysages urbains
(Kinshasa. Architectuur en stedelijke landschappen) vloeide voort uit een studiereis in 2008 die mogelijk werd gemaakt door het studiebureau voor stadsontwikkeling en urbanisme (BEAU) van het Congolese ministerie voor Openbare Werken en Infrastructuur. Financiering kwam er dankzij PRODEV, een programma ter ondersteuning van de stadsontwikkeling in Congo en van lokale capaciteitsversterking in de steden Kinshasa, Lubumbashi et Kisangani (programma van het AFD, het Franse agentschap voor ontwikkelingssamenwerking).

De studie past bij het regionaal (stads)ontwikkelingsbeleid dat bij de decentralisatie hoort. Het doel was na te gaan welke voorwaarden vervuld moeten zijn om een inventaris van het stadspatrimonium op te stellen die nuttig is voor het stadsbeheer en de conservatie van de stedelijke aspecten in Kinshasa. Het is de bedoeling om met een dergelijke inventaris van Kinshasa een netwerk te lanceren van deskundigen die gedecentraliseerd op het erfgoed werken en hun werk integreren in de stadsontwikkelingsplannen van de Democratische Republiek Congo. Zo kunnen ze de zelden toegepaste, en al een generatie lang vergeten, wetgeving vernieuwen en de Noord-Zuidoverdracht van kennis en vaardigheden vergemakkelijken dankzij een partnerschap dat ontstaan is na een Frans-Belgische samenwerking.

Een wetenschappelijk comité dat bestaat uit Fransen, Belgen en Congolezen (onder wie B. Toulier, minister van de Franse Cultuur, J. Lagae (UGent), Leon de St Moulin en J. Ibongo) heeft zijn goedkeuring uitgesproken over een inventaris in de vorm van een gegevensbank met foto’s en technische informatie over het stadserfgoed.

De auteurs hebben ook kunnen rekenen op de steun van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika waar ze in de archieven konden duiken voor hun documentatie en voor de illustraties in dit werk over Kinsahsa.
 


cover-cahier77.jpg

Villes et organisations de l'espace
en République démocratique du Congo
In de reeks ' Afrika studies', nr. 77, co-editie L’Harmattan / KMMA
Auteur: Léon de Saint Moulin

Beschikbaar in het Frans
304 p.
ISBN : 978-2-296-11999-4
Verkoopprijs: 29 euro


De geschiedenis van steden kan een verklaring bieden voor zowel de omwentelingen van een heel land als voor de regionale contrasten waarmee rekening gehouden moet worden om te begrijpen wat er gaande is. Dit boek is een grondige oplijsting van de steden in de Democratische Republiek Congo. Vanuit een resolute multidisciplinaire benadering heeft Léon de Saint-Moulin de beste kwantitatieve en kwalitatieve gegevens verzameld en geïntegreerd in dit werk, waarin hij een licht werpt op de belangrijkste sociale fenomenen en een groot aantal problemen aanboort. Hij benadert de problematiek vanuit de ‘macro-schaal’ van de nationale ruimte, de ‘micro-schaal’ van de wijken, en een schaal die er ergens tussenin ligt voor de relaties tussen de steden en hun onmiddellijke omgeving.

Op historisch vlak toont de auteur dat de Congolese steden geen koloniale creaties zijn. De Midden-Afrikaanse ruimte was al voor de kolonisatie ingesteld op lange afstanden en er waren reeds belangrijke polen. Die zijn er niet gekomen door de kolonisatie; de kolonisten voerden gewoon een voor hen voordelige reorganisatie door. Vandaag wordt het belang van de eens zo machtige rivier een beetje voorbijgestoken door de nieuwe mijnontginningen en het succes van het automobiel- en luchttransport. In de DRC is er vooral in de zuidelijke plateaus veel verstedelijking, maar er ontstaat een nieuwe stedelijke as van Uvira tot Bunia en verder. De lezer bezoekt met dit boek eigenlijk een van de grootste bouwterreinen uit de menselijke geschiedenis.


cover_matonge
Matonge - Matonge
(catalogus tijdelijke tentoonstelling)
Auteur: Jean-Dominique Burton

Beschikbaar in het Nederlands, Frans en Engels
176pp. met 160 foto's
ISBN:  978-9-0209-9156-7
Prijs: 35,95 euro

Lannoo uitgeverij in samenwerking met KMMA


Fotograaf Jean-Dominique Burton observeerde door het oog van zijn lens de zusterwijken Matonge-Brussel en Matonge-Kinshasa.

Dat leverde intrigerende foto’s op van deze twee wijken op duizenden kilometers afstand van elkaar. Het is een mozaïek geworden van kleurige beelden die het leven van alledag in beeld brengen, afgewisseld met indringende portretten van bewoners van beide Matonges.


cover_geographics
Geo-graphics. A map of art and practices in Africa, past and present
Auteurs: Anne-Marie Bouttiaux (KMMA) & Koyo Kouoh

Enkel beschikbaar in het Engels
384 blz. met meer dan 300 foto's
ISBN: 978-8-8366-1658-9
Prijs: 39 euro

Silvana Editoriale, Bozar & KMMA

 

 

 

 

 

 

 


Geo-graphics is gebaseerd op een concept van artistiek directeur David Adjaye, waarbij de kunstwerken gegroepeerd worden volgens hun geografische zones.

Dankzij deze nieuwe aanpak konden curatoren Anne-Marie Bouttiaux en Koyo Kouoh etnografische meesterwerken en hedendaagse kunst langs een continuüm plaatsen, waardoor er een dialoog ontstaat tussen de werken uit het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika en uit andere Belgische, zowel privé- als publieke, collecties, en het werk van de 8 kunstcentra die uitgekozen werden voor hun actieve rol in de ontwikkeling van het Afrikaanse kunstlandschap. Deze centra en de kunstenaars waarmee ze samenwerken, werpen een nieuw licht op de etnografische stukken, die we nu kunnen benaderen vanuit een meer stedelijk perspectief, ons beter bewust van hun hedendaagse uitdrukkingskracht.

De scenografie van David Adjaye en zijn foto’s roepen de subtiele en intieme manieren op waarop culturele expressie en de stedelijke omgeving met elkaar verweven zijn. Uit deze ontmoeting van verschillende elementen ontstaat een nieuwe geschiedenis en cartografie van Afrika, die helemaal anders is.


murenspreken
Als muren spreken. Het museum van Tervuren
1910-2010
Auteur: Maarten Couttenier (KMMA)

Tweetalig boek
168 blz. in kleur met ongeveer 200 foto's
ISBN: 978-9-0747-5276-3
Prijs: 25 euro


2010 is een uitzonderlijk jaar voor het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika: het viert de honderdste verjaardag van zijn museumgebouw.

Het KMMA als instelling werd opgericht in 1898 als het ‘Musée du Congo’ en was toen gehuisvest in het Koloniënpaleis. Al snel werd dit gebouw te klein voor de snel groeiende collecties, het uitbreidende wetenschappelijk onderzoek en de grote publieksbelangstelling. Onder impuls van koning Leopold II werd een nieuw museumgebouw opgericht dat op 30 april 1910 plechtig werd geopend. De viering van de honderdste verjaardag op 30 april 2010 van de officiële opening van dit gebouw is dan ook een uitstekende gelegenheid voor de publicatie van een boek dat vooral de ongekende geschiedenis van het museumgebouw en het reilen en zeilen van zijn bewoners wil vertellen.

Doorheen al die jaren is het KMMA uitgegroeid tot een referentiecentrum voor Midden-Afrika met wereldfaam. Van bij de oprichting in 1898, kreeg het KMMA een dubbele functie, een museale en een wetenschappelijke. Vanaf de beginjaren heeft het zich toegelegd op het aanleggen van collecties met als resultaat dat het nu de meest unieke verzamelingen van Midden-Afrika ter wereld herbergt, zowel in de mens- als in de natuurwetenschappen.

Na honderd jaar is het museum aan een grondige vernieuwing toe zowel voor wat betreft de inhoud van zijn permanente tentoonstelling, de museografische voorstelling en zijn infrastructuur. In 2010 beginnen dan ook de eerste werken van een grootschalig renovatieproces van het museum en de hele site. De voltooiing van het nieuwe museum is voorzien voor 2014 en van het hele masterplan in 2020.

Dit boek beschrijft het leven van en in het museum vooral tijdens de 20ste eeuw. Het is geschreven vanuit historisch perspectief op basis van analyse van archieven,  publicaties,   interviews en collecties. Meer recente ontwikkelingen, de vernieuwingen van de voorbije tien jaar en het hele renovatieproces, zullen meer in detail beschreven worden in een volgende publicatie.


cat_congoriver
Congostroom. 4700 bruisende natuur en cultuur
(catalogus tijdelijke tentoonstelling)
Wetenschappelijke leiding : Thierry De Putter (KMMA)

Beschikbaar in het Nederlands en Frans
96 blz. in kleur met 120 foto's
ISBN: 978-90-0747-5274-9
Prijs: 12 euro


In 2010, een zo belangrijk jaar voor de Congolezen die een halve eeuw onafhankelijkheid vieren, stroomt de immense Congorivier ook door het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika!

Congostroom. 4700 km bruisende natuur en cultuur  een tentoonstelling gewijd aan de vele facetten van deze nog weinig bekende en fascinerende rivier. Een imposante en krachtige rivier, met het op één na grootste debiet ter wereld, omringd door een immens evenaarswoud dat een opmerkelijke biodiversiteit herbergt – en dit jaar, 2010, is nu net ook het Internationaal Jaar van de Biodiversiteit! Een rivier van het leven, die miljoenen Congolezen gebruiken om te reizen, te vissen en allerlei koopwaren te vervoeren.

Een rivier met een enorm bekken dat een vierde van alle Afrikaanse neerslag verwerkt: water dat dient om te drinken, te irrigeren of de turbines van de hydro-elektrische installaties te laten draaien, zoals in Inga.

En de Congo is ten slotte ook een rivier van mysteries, erg present in de mythes van de oeverbewoners, van de bronnen in Katanga tot aan de monding.

Dit boekje is een aanvulling op de tentoonstelling: alle in de expo aangeboorde thema’s komen er in voor, en worden met korte en rijkelijk geïllustreerde teksten uitgewerkt. Mensen en dieren van de rivier, landschappen en vaak nooit getoonde objecten uit de collecties van het KMMA komen allemaal voor in dit boekje waarin een wereld te ontdekken valt, voor het hele gezin!
 



Deze gids is de vrucht van een grondige studie van de vegetatie in Moyenne Casamance, een gebied dat min of meer samenvalt met het administratieve grondgebied Kolda in Senegal. De botanische kennis die er gedurende twee jaar is vergaard, vormt de basis van het boek: bijna alle aangetroffen houtsoorten (156) zijn erin beschreven. Dit betekent niet dat het werk niet buiten Moyenne Casamance gebruikt kan worden: de flora is erg gelijkaardig in de hele regio waar een analoog klimaat heerst, van het Soedanees-Guinese type.

Het veldwerk stoelde grotendeels op een identificatiegids voor de belangrijkste boomsoorten van West-Afrika die in Casamance voorkomen, opgesteld door J. De Wolf en andere medewerkers van professor P. Van Damme van de Universiteit van Gent, en dankzij verschillende expedities in Senegal en Mali verbeterd door Het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika.

Doel van de auteurs is een praktische identificatiegids bieden, op basis van vegetatieve eigenschappen. Daarnaast bevatten de beschrijvingen van de soorten niet alleen informatie over de bloemen, de vruchten en de bloeitijd, maar ook over de ecologie van de soort en zelfs over het gebruik ervan. Er bleek nog een deelgids nodig die vooral gebaseerd is op de eigenschappen van bloemen, om de bloeiende soorten te identificeren als ze geen blaadjes hebben.


 


 

 


Dit doe-boekje is bestemd voor kinderen vanaf 8 jaar. Met het boekje en een potlood in de hand, volgen de jongens en meisjes een parcours van 11 stappen doorheen de zalen van het Museum.

Ze gaan er met behulp van een plannetje en tekeningen op zoek naar bepaalde dieren en voorwerpen. Die moeten ze aandachtig observeren om bepaalde vragen te kunnen beantwoorden en tekeningen af te werken. Er zijn ook een aantal leuke tekenopdrachten.

In het boekje kunnen de kinderen ook tekstjes lezen over Afrika en ontdekken ze waar de voorwerpen in het Museum vandaan komen. Een apart hoofdstuk stelt acht onderzoekers van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika voor. Zij vertellen over hun wetenschappelijk werk. De talrijke foto’s die het boekje illustreren, geven de kinderen een beeld van hedendaags Midden-Afrika.


 
In het kader van de tentoonstelling ‘Congo belge en images’ in het Fotomuseum in Antwerpen (22 januari 2010 - 16 mei 2010) van de curatoren Carl De Keyzer en Johan Lagae, heeft de uitgeverij Lannoo een prachtige catalogus gepubliceerd met dezelfde unieke selectie van 100 foto's uit de periode 1890-1920. De foto's komen uit de archieven van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika.



Zowel in academische als niet-academische kringen is men er zich steeds meer van bewust dat we talen moeten neerschrijven en beschrijven, zeker de talen die met uitsterven bedreigd zijn, aangezien in taal immaterieel cultureel erfgoed vervat zit. Algemeen wordt aangenomen dat minstens de helft van de talen in de wereld met uitsterven bedreigd is. Dat is ook zo in Afrika, dat taalkundig veruit het meest diverse continent ter wereld is.

Als wereldcentrum voor onderzoek en kennisverspreiding over Afrika, wil het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika (Tervuren, België) een belangrijke rol spelen in de bewustmaking rond de Afrikaanse taalkundige diversiteit en het behoud van Afrika’s immaterieel cultureel erfgoed. Daarom lanceert het KMMA de reeks ‘Tervuren Series for African Language Documentation and Description’, een belangrijk instrument voor de verspreiding van kennis over Afrikaanse talen.

Het is de bedoeling om dankzij deze nieuwe reeks, wetenschappelijk kwaliteitsvolle werken te publiceren die zullen bijdragen aan het vastleggen en beschrijven van de tot dusver weinig of niet-beschreven Afrikaanse talen. Deze reeks zal een aanvulling zijn op Africana Linguistica, het KMMA-magazine over Afrikaanse taalkunde. De wetenschappelijke bijdragen moeten ditmaal immers niet in een onderzoeksartikel worden gegoten, en lexicale en grammaticale beschrijvingen, waarvan de lengte kan variëren (lexicons, woordenboeken, grammaticale overzichten, volledig uitgebouwde grammaticaboeken) zijn welkom, evenals geannoteerde teksten in Afrikaanse talen, waarvan het belang de beschrijving van de taal overstijgt.

In overeenstemming met het publicatiebeleid van het KMMA zullen alle bijdragen voor deze nieuwe reeks door een peer reviewer worden nagelezen. Bijdragen mogen zowel in het Engels als in het Frans zijn en zowel de digitale als papieren versie moet worden ingediend bij respectievelijk Isabelle Gérard en de Publicatiedienst, KMMA, Leuvensesteenweg 13, 3080 Tervuren, België.

Voor meer informatie over de inhoud van deze nieuwe reeks stuur een mail naar: lingui@africamuseum.be.      

De publicatie
Yoómbe is een Bantoe-taal met ongeveer 1 100 000 sprekers die wonen in het Mayombe-gebied in Neder-Congo, in de Democratische Republiek Congo (DRC).
Het lexicon telt meer dan 5000 ingangen. Het grootste deel van de woorden behoort tot de dagelijkse woordenschat, maar er zijn ook talrijke gespecialiseerde termen in opgenomen die soms alleen nog maar in spreekwoorden voorkomen. Hoewel dit nog geen volledig woordenboek is, is dit de eerste lexicale studie van deze omvang voor het Yoómbe.
 
De auteur
Jan De Grauwe, in 1929 geboren in Sint-Amandsberg, is aan de Universiteit van Gent afgestudeerd als licentiaat in de Romaanse taal- en letterkunde. Hij begon te werken op het Yoómbe toen hij tussen 1950 en 1960 in Neder-Congo woonde. Hij heeft tot 1991 lesgegeven in het Sint-Barbaracollege in Gent. Zijn grootste onderzoekspassie is de geschiedenis en spiritualiteit van de orde der Kartuizers in België.



De DRC is een groot laboratorium waar talrijke internationale partners elkaar ontmoeten. Gedreven door de ambitie om deze uitgestrekte failliete staat te herstellen, beogen zij verbetering van de veiligheid, vermindering van de armoede, verbetering van het bestuur en het macro-economisch beleid en ten slotte herstel van de infrastructuren. Ondanks de omvang van de financieringen, de bekwaamheid van de deskundigen en het verlangen naar verandering dat de Congolese leiders openlijk tonen, zijn er toch weinig tastbare tekenen van succes waar te nemen.

 De wil om hervormingen te organiseren wordt afgeremd door meerdere hinderpalen. Historisch gezien is de crisis ingeworteld. Ze is ingewikkeld op sociaal vlak en de politieke wereld is er volledig in  vastgelopen. Als het al moeilijk is om te weten waar te beginnen op het vlak van planning, is het op financieel vlak onmogelijk om gelijktijdig aan alle behoeften te voldoen.

 In het werk komt de volgende vaststelling naar voren : “wij hebben de problemen geïdentificeerd, wij kennen de oorzaken ervan en ook de oplossingen, … maar de zaken gaan van kwaad naar erger.” De medewerkers tonen aan dat deze mislukking de gedeelde verantwoordelijkheid is van de internationale gemeenschap enerzijds, bij gebrek aan een akkoord over een streekplan, en van de Congolese gezagsdragers anderzijds, die zich tevreden stellen met een status-quo.

 Dit boek is een vervolg op de gedachte die eerder werd aangesneden in twee andere werken van Theodore Trefon die reeds verschenen in de reeks “Afrika Studies”: Ordre et désordre à Kinshasa (2004) en Parcours administratifs dans un État en faillite (2007).



De verkiezingen in de Democratische Republiek Congo tijdens het tweede semester van 2006 en het eerste trimester van 2007 bevestigden de macht van Joseph Kabila. Verschillende van zijn volgelingen/luitenanten hebben een verkiesbare plaats als volksvertegenwoordiger en/of senator gekregen, waardoor zij ook legitimiteit van het volk kregen. Tegelijkertijd brengen deze verkiezingen ook verschillende nieuwe spelers aan de macht in de parlementen, in de (nationale en vooral provinciale) regeringen en in de overheidsbedrijven.

Het profiel van de senatoren is wel anders dan dat van de nationale en provinciale volksvertegenwoordigers. Ze zijn doorgaans al wat ouder en onder hen zijn er minder ‘nieuwkomers’. In de Senaat zetelen immers vooral politieke spelers uit revolutionaire periodes, zoals het mobutisme, de democratische overgang, het tijdperk van de rebellenbeweging AFDL … Dat is gedeeltelijk het resultaat van de onrechtstreekse verkiezingen (ze worden gekozen door de provinciale raden), maar ook van de situatie die nu nog complexer geworden is, nu het land onlangs in 26 provincies is verdeeld. Elk kiesdistrict krijgt 4 senatoren per nieuwe provincie (behalve Kinshasa, dat er 8 krijgt). Toch voelen verschillende pioniers van de onafhankelijkheid en/of de Eerste Republiek (1960-65), die nog steeds duidelijk present waren tijdens de verschillende fases van de transitie, zich gepasseerd (J. Bomboko, C. Rwakabuba, J. Mukamba, A. Kalonji, A. Kithima, C. Kamitatu …). En nu duikt Antoine Gizenga weer op, die door hen van de macht werd uitgesloten na de startregering van de Eerste Republiek (hij was vicepremier van Lumumba), en heeft hij de prestigieuze post van Eerste Minister, wat het begin inluidt van de Derde Republiek.

Nog een belangrijke opmerking: ondanks de dominante groepering rond Kabila, zijn de politieke trajecten van de spelers erg uiteenlopend, en de spelers die toegang krijgen tot een machtspositie zijn nu veel talrijker dan vroeger.

Deze biografische bundel is het vervolg op een eerste boek, dat in 2006 verschenen is, over de spelers van de transitie, een periode die begon met het Pretoria-akkoord van december 2002. De twee werken behandelen op een systematische manier verschillende maar duidelijk afgebakende tijdslijnen.

Dit werk biedt een overzicht van de Congolese politieke klasse. De persoonlijke trajecten die afgelezen kunnen worden uit de biografische gegevens verduidelijken de politieke geschiedenis en maken het mogelijk een analyse te maken van de huidige ontwikkelingen en de toekomstperspectieven van het land.

Het werk is in twee grote delen verdeeld. In het eerste deel komen de nationale spelers aan bod (staatshoofd, regeringsleden, de belangrijkste commandanten van het leger en de nationale politie, volksvertegenwoordigers en senatoren, bedrijfsleiders …), alfabetisch gerangschikt. Het tweede deel is een beschrijving, per provincie, van de provinciale raads- en regeringsleden, eveneens alfabetisch gerangschikt.




De organologische collectie van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren telt vandaag meer dan 8000 muziekinstrumenten waarvan drie kwart afkomstig is uit Midden-Afrika en meer bepaald uit Congo.

Deze harpen, trommels en spleettrommen, lamellofonen, klokken, fluiten, fluitjes en andere blaasinstrumenten, … werden vanaf het einde van de 19de eeuw verzameld, wat betekent dat sommige stukken nu meer dan honderd jaar oud zijn. Deze instrumenten zijn dan ook toonbeelden van de rijke cultuur die het Afrikaanse continent al sinds eeuwen kenmerkt.

In dit rijk geïllustreerde boek stelt de auteur er een hele waaier voor en belicht hij de bijzonderheden, de speeltechnieken, de materialen waaruit ze zijn gemaakt en ontsluiert hij de luister van de klankkwaliteit en de esthetiek die eigen zijn aan deze unieke en steeds weer verrassende objecten.



Deze atlas biedt het eerste volledige overzicht van de zoetwatersponzen van Algerije tot de Kaap, en is daarom een historisch document. Het boek vat niet alleen de kennis over de sponzenfauna van het Afrikaanse continent samen, het bevat ook zowel nieuwe als historische illustraties en verspreidingskaarten voor alle specimens, waarvan de meeste inheems Afrikaans zijn.

Er wordt een vergelijkende analyse gemaakt op basis van originele diagnoses, holotypes en materiaal uit historische collecties om zo tot een gedetailleerde beschrijving te komen van 58 Afrikaanse specimens van de suborde Spongillina (orde Haplosclerida) die behoren tot de familie van de Spongillidae (9 genera), van de Malawispongiidae (2 genera), van de Metaniidae (1 genus), en van de Potamolepidae (4 genera). Er is ook 1 incertae sedis-genus.

Gezien de snelle achteruitgang van de biodiversiteit van de Afrikaanse zoetwaterfauna als gevolg van klimaatsverandering en andere menselijke invloeden, blijft deze publicatie een mijlpaal voor de kennis over de verspreiding van deze dieren. Als filtreerders (‘filter feeders’), zijn ze uitermate vatbaar voor zelfs extreem lage concentraties van vervuiling en daarom zouden ze een ideale graadmeter kunnen zijn voor de kwaliteit van het oppervlaktewater.

De auteurs, Renata Manconi en Roberto Pronzato werken in Italië, maar dit boek is grotendeels gebaseerd op de studie en collecties van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren, België.


 


Met 180 maskers, vaak hier voor het eerst gepubliceerd, en werken van hedendaagse Afrikaanse kunstenaars, biedt dit innemend boek een nieuwe interpretatie van het masker als universeel object dat zowel verbergt als onthult.
Dankzij het onderzoek naar het gebruik, de dansen en de bijbehorende rituelen en gedachtewereld is dit boek een verkenning van zowel de werkelijke als de symbolische rol van het masker, dat buiten zijn context van ‘al het leven wordt ontnomen’, maar toch nog vragen kan oproepen rond identiteit, eigenwaarde en het concept van ‘de Ander’ in een Westerse samenleving. 



Inhoud
SEYFULINA, R.R. & JOCQUÉ, R. 2009. Venia kakamega gen. n., sp. n., a new, canopy-dwelling, Afrotropical erigonine (Araneae, Linyphiidae).
STAREGA, W. & SNEGOVAYA, N. Yu. 2009. Report on a Southern African collection of harvestmen in the Royal Museum for Central Africa: Family Assamiidae (Arachnida: Opiliones).
DE MEYER M. & COPELAND R.S. 200x A new sexually dimorphic Ceratitis species from Kenya (Diptera: Tephritidae).
HANSSENS, M. 2009. A review of the Clarias species (Pisces; Siluriformes) from the Lower Congo and the Pool Malebo.
MAES, K.V.N. 2009. A checklist of the Pyrausta species of Africa with description of new species (Lepidoptera, Pyraloidea, Crambidae, Pyraustinae).
OPITZ, W. 2009. Revision of the African beetle genus Romanaeclerus (Coleoptera: Cleridae: Korynetinae).
PURCHART, L. 2009. A new Prunaspila Koch (Coleoptera: Tenebrionidae: Adelostomini) from Zimbabwe, with species key to the genus.
JOCQUÉ, R. 2009. Some keep it short: on the radiation in the Afrotropical spider genera Capheris and Systenoplacis (Araneae, Zodariidae) without male pedipalp complexity increase.
VANDENSPIEGEL, D. & PIERRARD, G. 2009. Review of the genus Prionopetalum (Odontopygidae, Diplopoda) and description of new species from East Africa.
DALL'ASTA, U. 2009. Description of a new species of Eudasychira Möschler, 1887 (Lymantriidae, Lepidoptera) with a taxa checklist of the genus.
AZARKINA, G.N. 2009. Two new species of the genus Aelurillus Simon, 1885 (Araneae, Salticidae) from Africa.



Let ouvrage est l’histoire politique de la République démocratique du Congo dans la période qui va de l’assassinat de Laurent Désiré Kabila en janvier 2001 à la mise en place d’un régime issu des élections générales du second semestre 2006. Il s’arrête en août 2008. Depuis cette date, le nouveau pouvoir politique congolais fait difficilement face d’une part au surgissement de la crise mondiale, d’autre part à un regain menaçant, surtout à l’Est du pays, d’affrontements et de violences. L’avenir de la RDC reste profondément incertain. La compréhension des événements en cours impose de revenir sur ces années cruciales qui ont vu, dans le cadre d’une semi-tutelle internationale, le dénouement de la guerre régionale et civile déclenchée en 2008, et la transformation de confrontations armées en compétition électorale.
 
L’ouvrage cherche, en démêlant un écheveau particulièrement complexe d’événements dramatiques et confus, à établir les faits et leurs connexions, à discerner le profil et le rôle de multiples acteurs. Il ouvre aussi des pistes pour l’élaboration d’un cadre général d’interprétation des changements qui s’opèrent en RDC. Renvoyant à de nombreuses sources, fournissant des points de repère chronologiques et factuels, donnant des listes d’acteurs avec des indications biographiques, il se veut enfin un outil de travail pour les chercheurs qui reviendront avec plus de recul sur les événements et les phénomènes analysés.
 
Tout en pouvant être lu de manière indépendante, cet ouvrage est le quatrième de la série consacrée par les « Cahiers africains » à l’époque de la transition d’un régime de parti unique à un régime pluraliste, transition que Mobutu avait été amené à ouvrir en avril 1990.

L'auteur
Gauthier de Villers, sociologue, est collaborateur scientifique de la section d’Histoire du Temps présent du Musée royal de l’Afrique centrale. Il a été le directeur de l’Institut africain et du Centre d’études et de documentation africaines (CEDAF).



In 1999 heeft het KMMA het werk Bobo. Nature et fonction des masques opnieuw uitgegeven, dat oorspronkelijk in 1980 was gepubliceerd door ORSTOM (nu IRD). Het KMMA heeft toen met de auteur een contract gesloten opdat het de uitgever of mede-uitgever zou worden van het daaropvolgende deel, dat hij toen aan het schrijven was. Dat is nu gebeurd en het KMMA heeft dit interessante project dus kunnen ondersteunen in het kader van een partnerschap met de Parijse uitgever Biro en de uitgeverij van het IRD (Institut de Recherche et de Développement).

Vandaar dat het werk behalve langs de gebruikelijke kanalen van het Museum (shop, website, enz.) ook verkocht wordt in de boekhandels van de uitgeverij Biro.

‘In dit boek worden de Bobo-maskers weer in hun context geplaatst, volgens het belang dat de Bobo er zelf aan hechten. Zo staan de houten maskers, in het Westen zo gewaardeerd om hun marktwaarde en duurzaamheid, helemaal achteraan. Ze weerspiegelen zo precies de plaats die ze bij de Bobo innemen: zeer zeker van essentieel belang, maar veel minder dan de zeer sacrale maskers gemaakt uit bladeren en vezels.

In het eerste deel legt de auteur in detail uit welke rol maskers spelen binnen de verschillende Bobo-groepen. Hij baseert zich daarvoor op oude geschreven bronnen, maar ook en vooral op de orale traditie die verhaalt over de schepping van het heelal, en de noodgedwongen samenleving tussen de mens en het bovennatuurlijke.

De combinatie van tekst met nooit eerder uitgegeven foto’s boezemt zowel bewondering als angst in, twee emoties die zeer goed passen bij het te voorschijn halen van maskers, die ambigue – zowel goede als gevaarlijke – krachten aan het werk zetten.’

Guy Le Moal, etnoloog van opleiding, heeft in Ouagadougou, in Opper-Volta (vandaag Burkina Faso) een Frans instituut voor Zwart-Afrika opgericht en geleid tot de onafhankelijkheid in 1960.

Na zijn terugkeer naar Frankrijk ging hij eerst aan de slag bij Orstom (nu IRD) en dan bij CNRS waar hij zijn werk tot in 2004 heeft voortgezet en actief deelnam aan het laboratorium over ‘denksystemen in Zwart-Afrika’.



This monograph presents climatic, geochronological, radiometric, and archaeological evidence for hominin activities around the Adrar Bous massif on the western edge of today’s Ténéré Desert, Niger. It documents a Late Acheulean lithic industry, a generalised Middle Paleolithic, and an Aterian displaying technological affinities to equatorial African industries.

Inhoud
Ch. 1: Preface, David Hall
Ch. 2: Introduction, J. Desmond Clark and Andrew B. Smith with Diane Gifford-Gonzalez
Ch. 3: Geology, Geomorphology and Prehistoric Environments, Martin A. J. Williams
Ch. 4: The Late Acheulian Assemblages, J. Desmond Clark et al.
Ch. 5: The Aterian of Adrar Bous and the Central Sahara, J. Desmond Clark et al.
Ch. 6: Epipalaeolithic Aggregates from Gréboun and Adrar Bous, J. Desmond Clark
Ch. 7: The Kiffian, Andrew B. Smith
Ch. 8: The Tenerian Andrew B. Smith
Ch. 9: The Ceramics from Adrar Bous and Surroundings Areas, Elena A. A. Garcea
Ch. 10: Technology and Classification of the Grinding Equipment, Diana C. Crader
Ch. 11: The Fauna from Adrar Bous and Surrounding Areas, Diane Gifford-Gonzalez with James Parham
Ch. 12: The Adrar Bous Cow and African Cattle, J. Desmond Clark, Patrick L. Carter, Diane Gifford-Gonzalez, Andrew B. Smith,
Ch. 13: Burials and Human Skeletal Materials from Adrar Bous Andrew B. Smith, Elizabeth G. Agrilla, Alison Galloway
Ch. 14: Holocene Flora from Adrar Bous, Andrew B. Smith and James N. Coil
Epilogue, J. Desmond Clark
Summary, Diane Gifford-Gonzalez



Verven volgens de reservedruktechniek is in Bamako een uiterst belangrijk economisch en cultureel fenomeen dat wortelt in een lange traditie. De afgelopen vijftig jaar raakte de techniek opnieuw verspreid door de invoer van industrieel textiel en synthetische kleurstoffen, die het plaatselijke katoenen bandweefsel en natuurlijke indigo verdrongen. Maar deze kunstnijverheid is er zeker niet door verarmd, integendeel, ze is springlevend, en nu worden de traditionele reservedruktechnieken verrijkt met moderne verfmethodes.

Dit boek is prachtig geïllustreerd met kleurenfoto’s en belicht de grote variatie aan reservedruktechnieken. Na een minutieus werk van lange adem leveren die schitterende motieven op, het resultaat van een niet-aflatende collectieve creativiteit. Achter deze luxueuze stoffen schuilt een wereld waar mannen en vrouwen onophoudelijk werken in moeilijke sociale omstandigheden.

Om nog meer voeling te krijgen met die wereld van het verven, heeft Patricia Gérimont zich ondergedompeld in een kleine katoenververij, waarvan ze een beeld geeft via de portretten van de hoofdrolspelers: binders, verfsters, stampers … want dit boek is ook het verhaal van vriendschappen en wederzijdse ontdekkingen.

Het KMMA verleende zijn steun aan dit interessante project in het kader van een partnerschap met de Parijse uitgever Ibis Press. Vandaar dat het werk ook via de gebruikelijke kanalen van het Museum wordt verspreid: shop, website, enz.



Deze catalogus biedt een nieuwe kijk op de volkeren van de Omo-vallei en de omringende regio’s. Voor het eerst staan hun dagdagelijkse objecten centraal en wordt de aandacht gevestigd op de verfijndheid van deze voorwerpen. Daarnaast toont de auteur Gustaaf Verswijver aan hoe elk voorwerp betekenis heeft voor de maatschappij die het vervaardigt en gebruikt. Tevens legt hij uit welke de sociale en geopolitieke uitdagingen zijn voor de Omo-volkeren, en beschrijft hij de problemen waarmee deze herdersgemeenschappen tegenwoordig geconfronteerd worden.



Inhoud
- Devos, Maud 
         The expression of modality in Shangaci  
- Kawasha, Boniface
         Relative Clauses and Subject Inversion in Chokwe, Kaonde, Lunda and Luvale
- Kutsch Lojenga, Constance
         Nine vowels and ATR vowel harmony in Lika, a Bantu language in D.R. Congo
- Nzang-Bie, Yolande
         La dérivation causative dans les langues bantu du groupe A70 
- Ricquier, Birgit & Bostoen, Koen
         Resolving phonological variability in Bantu lexical reconstructions: the case of ‘to bake in ashes’
- Seidel, Frank
         The hodiernal past domain and the concept of recentness in Yeyi
- Van de Velde, Mark 
        Un cas de changement phonologique par réanalyse morphonologique en éton 



Observations from 1981 to 2006 by RMCA ornithologists and collaborators were used to produce the present Atlas of breeding birds of the Union of the Comoros, consisting of the three islands named below (the fourth island, Mayotte, while claimed by the Union, is at present administered by France). This part of the archipelago, which is situated between the African mainland and Madagascar, is home to a total of 59 breeding birds: 47 on Grande Comore, 44 on Moheli and 39 on Anjouan, including no less than 15 endemic species and 51 endemic taxa (see Tables 1-4 for their French, English and scientific names and their distrir�d�on).

It is the first atlas of this archipelago’s breeding bird species and habitats, fet�toing grid maps that locate where each species was recorded. ‘Ecological envelopes’ around these locations delimit potential ranges in distribution and altitude. For this analysis, maps were scanned and georeferenced, while features of special interest (altitude, forested/non-forested areas, rainfall, rivers, lakes, villages and roads) were encoded. Maps grouping the ecological envelopes of all taxa, endemic taxa and endemic species show that the principle habitats for endemic birds are situated at higher altitudes on each island. On Grande Comore, this means the main forest. But on Moheli, the smallest island, intermediate altitudes also contain much endemism, while on Anjouan the forest is restricted to a ‘network of patches’ that, along with agricultural areas (mostly plantations), are inhabited by (the residual) endemic taxa.

As in many parts of Africa, the Comoros suffer from significant conservation problems. Population growth has adversely influenced habitat and species richness. Environmental problems, legal issues, the need to involve local populations in bird and habitat conservation, and prospects for ecotourism are documented in some detail.

Targeting naturalists, teachers and scientists, the book’s aim is to serve as a tool for biodiversity capacity-building and to contribute to the conservation and management of terrestrial communities and birds.

Funded in part by the Belgian Cooperation Agency, the Atlas is the result of a cooperative project between the Royal Museum for Central Africa of Tervuren, Belgium, and several collaborating partners, notably the Convention for Biological Diversity-Comoros and the National Museum of the Comoros (CNDRS).



Dit originele werk gaat over de ‘participatieve aanpak’ bij het beheer van natuurlijke rijkdommen en de ontwikkeling in Midden-Afrika. De bijdragen in het boek ondersteunen het huidige debat over het milieubeleid in de landen van deze regio: Kameroen, Gabon, de Centraal-Afrikaanse Republiek, de Republiek Congo, de Democratische Republiek Congo en Tsjaad.

De teksten zijn gebaseerd op het interdisciplinair onderzoek van concrete initiatieven in de sociale bosbouw, gemeenschapsbosbouw, beschermde gebieden en stedelijke buitenwijken. Het einde van het boek schetst ook een originele analyse van de associatieve inheemse beweging en de mogelijkheden die ze biedt op het vlak van associatieve aanpak.

Deze publicatie is het resultaat van het onderzoeksprogramma ‘bevordering van het milieubeleid in Midden-Afrika’ (GEPAC), gefinancierd door de Europese Commissie en uitgevoerd door het centrum voor culturele antropologie van de ULB, in samenwerking met CIRAD.

 


 

 

 

Voor meer informatie over de inhoud van deze reeks: http://www.africamuseum.be/museum/research/human-sciences/linguistics/publications/tervurenseries of lingui@africamuseum.be

   

Document acties